Scaliger-Hoogleraar Gerritsen houdt inaugurele rede aan Universiteit Leiden

10 september 2002

Dinsdag 10 september om 16.00 uur zal prof. dr. W.P. Gerritsen zijn
oratie uitspreken aan de Universiteit Leiden. De titel van de oratie luidt Het
alfabet als zoekinstrument.
De Universiteit Leiden heeft prof. dr. W. P. Gerritsen voor vijf jaar benoemd als de eerste Scaliger-hoogleraar, met als leeropdracht 'de theorie  en de geschiedenis van de filologie'. Filologie, zo formuleert Gerritsen het in zijn oratie, is de wetenschap die teksten bestudeert: de notatie, de transmissie en de receptie ervan.
 
De leerstoel die Gerritsen bekleedt is een wisselleerstoel, en is genoemd naar de beroemde letterkundige Scaliger, die van 1593 tot zijn dood in januari 1609 aan de Leidse universiteit was verbonden. Hij was de grootste geleerde van zijn tijd op het gebied van oosterse en westerse geschiedenis en filologie. Aan hem danken we bijvoorbeeld , zo zegt Gerritsen in zijn oratie, de stelregel dat een tekst geïnterpreteerd moet worden in zijn oorspronkelijke context.
 
In juni 2000 is aan de Universiteit Leiden het Scaliger Instituut opgericht, op initiatief van de Universiteitsbibliotheek en de faculteit der Letteren.
Ook de faculteiten Godgeleerdheid en Wijsbegeerte hebben zich erbij aangesloten. Het instituut is opgericht om het gebruik van de bijzondere collecties handschriften, papyri, boeken, kaarten en prenten van de Universiteitsbibliotheek in het wetenschappelijk onderzoek en onderwijs te stimuleren. De Scaliger-wisselleerstoel, bestemd voor een wetenschapper van internationale allure, is een van de manieren daartoe.
 
De oratie van Gerritsen zal gaan over het vak filologie, en over de waarde van de filologie voor de samenleving. Daarnaast koos hij als onderwerp de uitvinding van de alfabetische index tegen het midden van de dertiende eeuw, die een exponent was van een belangrijke intellectuele omwenteling in de loop van de eeuw ervoor; er lag een volstrekt nieuwe wijze van lezen, en omgaan met teksten aan te grondslag, waarbij ordening, en snel vindbare informatie centraal kwamen te staan.
 
W.P. Gerritsen (1935) studeerde Nederlandse taal- en letterkunde aan de Rijksuniversiteit te Utrecht en middeleeuwse letterkunde aan de Sorbonne, Parijs. In 1963 promoveerde hij in Utrecht. In 1961 werd hij benoemd tot wetenschappelijk ambtenaar bij de afdeling Nederlands aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Daar werd hij in 1966  lector in de Nederlandse letterkunde van de Middeleeuwen, en in 1968 gewoon hoogleraar. Zijn emeritaat als Utrechts hoogleraar ging in per 1 september 2000.
 
Gerritsen publiceerde talrijke monografieën, tekstedities en artikelen op het terrein van de middeleeuwse letterkunde. Daarbij schenkt hij veel aandacht aan de popularisering van zijn studieterrein.

Gerritsen is sinds 1978 lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. Van 1993-1999 was hij voorzitter van de Afdeling Letterkunde, en van 1996-1999 vervulde hij tevens het vice-presidentschap van de Akademie. Hij is buitenlands erelid van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde te Gent, lid van het Institute of Germanic Studies te Londen en `Korrespondierendes Mitglied' van de Nordrhein-Westfälische Akademie der Wissenschaften te Düsseldorf. In 1997 verleende de Universiteit Antwerpen hem een eredoctoraat. In mei 1999 kende de Maatschappij voor Nederlandse Letterkunde te Leiden hem de Prijs voor Meesterschap voor zijn gehele oeuvre toe.
 

Noot voor de pers, niet voor publicatie:
 
Plaats: Groot Auditorium, Academiegebouw, Rapenburg 63 te Leiden
 
De tekst van de oratie is op aanvraag beschikbaar. Op dit persbericht en
op de tekst van de oratie rust een embargo tot dinsdag 10 september 16.00
uur.

Meer informatie:
Dini Hogenelst/ Hilje Papma, wetenschapsvoorlichters Universiteit Leiden
Tel: 071-5273282
Email: wetenschap@ics.leidenuniv.nl