Vandenbroucke wordt Academiehoogleraar

 
Hoogleraar Klinische Epidemiologie, Jan Vandenbroucke, is door de Koninklijke Nederlandse Academie voor Wetenschappen (KNAW) benoemd als Academiehoogleraar voor de komende vijf jaar. Vandenbroucke is één van de vier hoogleraren in Nederland die dit jaar is geselecteerd voor deze prestigieuze benoeming. De komende jaren kan hij zich als Academiehoogleraar geheel wijden aan innovatief wetenschappelijk onderzoek en de begeleiding van jonge onderzoekers. De KNAW stelt hem een miljoen euro ter beschikking om dit te verwezenlijken. 

Het KNAW-programma Academiehoogleraren is bedoeld voor hoogleraren tussen de 55 en 60 jaar die bijzondere wetenschappelijke prestaties hebben geleverd. De eerste Academiehoogleraren werden benoemd in 2002. Vandenbroucke is de vijftiende Academiehoogleraar. 

Vooraanstaand epidemioloog
Jan Vandenbroucke is internationaal bekend als epidemioloog, docent en denker over de theorie van de geneeskunde. Hij heeft innovatieve methoden ontworpen waarin de epidemiologische methode gebruikt wordt om de pathofysiologie van ziekte te bestuderen. Dit heeft geleid tot enige honderden artikelen op verschillende wetenschapsgebieden. Daarnaast heeft hij de loopbaan van een groot aantal jongere onderzoekers gestimuleerd en acht van zijn vroegere promovendi en 'post-docs' zijn thans hoogleraar. Sommige medici worden 'de dokters dokter' genoemd, omdat andere artsen zich tot hen wenden met moeilijke medische problemen of wanneer zij zelf ziek zijn. Men zou Jan Vandenbroucke een 'wetenschapper der wetenschappers' kunnen noemen, bij wie vooraanstaande klinisch-wetenschappelijk onderzoekers aankloppen met ingewikkelde problemen over onderzoeksopzet en analyse. 

Van links naar rechts: Jan Vandenbroucke; Onno Buruma, bestuursvoorzitter LUMC; Rudie Trienes (KNAW); mw. Vandenbroucke en Frits van Oostrom (president KNAW).

(25 april 2006/SH)