Rijk geschakeerde taalkunde in één instituut

Op 31 maart en 1 april vindt met een symposium de feestelijke academische opening plaats van het Leiden University Centre for linguistics (LUCL) onder het motto 'De taalkunde heeft Leiden nodig'. In het nieuwe instituut zijn voor het eerst alle taalkundige stromingen die de Faculteit der Letteren rijk is, verenigd.
Op het openingssymposium
Structure and variation in the languages of the world spreken vier topwetenschappers uit Europa en Amerika.

CNWS en ULCL
Het LUCL is voortgekomen uit meerdere groepen taalkundigen, die voorheen deel uitmaakten van het onderzoeksinstituut voor Aziatische, Afrikaanse en Amerindische Studies (CNWS) en het Universiteit Leiden Centre for Linguistics (ULCL). 'Met het LUCL willen we ons richten op het consolideren van de indrukwekkende taalkundige massa van onze universiteit', vertelt Jos Schaeken, slavist en co-directeur van het nieuwe instituut. De andere co-directeur is de foneticus Vincent van Heuven.

Vier domeinen
Naast consolidering staan versterking en uitwerking van de zogenoemde focuspunten hoog op de agenda. Deze focuspunten zijn verspreid over vier domeinen. Het eerste domein is de descriptieve (beschrijvende) taalkunde. Schaeken: 'Hier ligt het kapitaal, liggen de grondstoffen van onze discipline. In Leiden bestuderen en doceren we meer dan tachtig talen.' Het tweede domein is de comparatieve (vergelijkende) taalkunde en het derde dat van de theoretische modellen (studie van de algemene structuur van taal). Het vierde domein tenslotte, zijn de interdisciplinaire toepassingen van de theoretische modellen. 'Hiertoe behoren meerdere vakgebieden', legt Schaeken uit, 'zoals de psycholinguïstiek, de patholinguïstiek, de retorica, de eerste en tweede taalverwerving, de fonetiek en de computationele taalkunde.


Taalkundig veldwerk bij de Trio in Suriname

Grootste instituut
Het LUCL bestaat uit zo'n vijftig senior onderzoekers, meer dan twintig postdocs en circa vijftig aio's. Hiermee is het een van de grootste taalkunde-instituten in Nederland. Het LUCL heeft een groot aantal projecten onder zijn hoede, waaronder een Spinoza-project en meerdere Veni-, Vidi- en Vici-projecten, gefinancierd door NWO. Het instituut maakt deel uit van de Landelijke Onderzoekschool Taalwetenschap (LOT).

Languages in the world en language in the mind
De eerste twee domeinen van het LUCL vormen eigenlijk één zuil, omvat door de titel languages in the world. Deze zuil vertegenwoordigt grofweg het onderzoek dat voordien binnen CNWS werd gedaan. De andere twee domeinen herbergen onder de titel language in the mind het onderzoek van het vroegere ULCL. Schaeken: 'Dé grote uitdaging van het nieuwe instituut moet zijn om dwarsverbanden te leggen tussen de twee zuilen. We moeten investeren in projecten die de cohesie tussen beide bevorderen en die voor meer dan een domein winst opleveren.'
Over de focuspunten wil Schaecken niet concreet worden. 'Aan welke je kunt denken, bespreek ik in mijn praatje bij de opening van het LUCL'.


Computationele taalkunde: analyse van een eenvoudig zinnetje door het programma Delilah dat Nederlandse zinnen genereert.

Maatschappelijke relevantie 
Wel stelt Schaecken dat het LUCL voor elk van de focuspunten op zoek gaat naar partners - in binnen- en buitenland, binnen en buiten de universiteiten - met wie het allianties kan aangaan. Dit om maximaal te kunnen profiteren van de financiële middelen. 'We moeten verder de maatschappelijke relevantie van elk van de domeinen en focuspunten kunnen beargumenteren en uitdragen', zegt Schaeken. 'Bij de zuil languages in the world is dat de betekenis van taal voor de culturele diversiteit en als deel van het cultureel erfgoed; bij de zuil language in the mind moeten we meer denken aan praktische toepassingen op pedagogisch, didactisch, technologisch en medisch gebied.'

Structure and variation
De titel van het symposium Structure and variation in the languages of the world is niet toevallig ook de naam van het onderzoeksmasterprogramma dat LUCL verzorgt. Leiden is bij uitstek geschikt om de variëteit en structuur van de talen van de wereld te onderzoeken, omdat er een ongeëvenaarde expertise aanwezig is, vooral op het gebied van de 'exotische' talen; de taalkundige massa reikt van Abchazisch tot Zaiwa, van IJslands tot Maori, van Trio tot Mandarijn en van Sumerisch tot Amerikaans-Engels. Zie en beluister om een indruk te krijgen de talengids van de Faculteit der Letteren.

Vier topwetenschappers

 
Bernard Comrie

Naast de beide co-directeuren spreken op 31 maart, de eerste dag van het symposium, ook Ton van Haaften, vice-rector van de Leidse universiteit en Geert Booij, decaan van de Faculteit der Letteren. Verder houdt de eminente taalkundige Bernard Comrie van het Max-Planck Institute for Evolution­ary Anthropology in Leipzig een toespraak met de complimenteuze titel Why linguistics needs Leiden. Hieraan is het motto ontleend. Gastsprekers op de tweede dag zijn vier topwetenschappers. John A. Lucy, University of Chicago, spreekt over de relatie tussen talige diversiteit en cognitie, Neil Smith, University College London, over de relatie tussen taal en brein, Marianne Mithun, University of California, Santa Barbara, over de relatie tussen prosodie en syntaxis en Bernard Comrie over leenwoord-typologie.

Meer informatie op de website van het LUCL 

28 maart 2006/SH