Oratie prof.dr.ir. J.H.M. Frijns

 

Titel : Leids KNOOPpunt

Vrijdag 17 februari, 16.15 uur
Academiegebouw, Rapenburg 73
De oratie (pdf)

Prof.dr.ir. J.H.M. Frijns (1961) is per 1 januari 2006 benoemd tot hoogleraar in de faculteit der geneeskunde om werkzaam te zijn op het vakgebied van de keel-, neus-en oorheelkunde.

Johan H.M. Frijns begon in in 1979, na Gymnasium-b, met de studie Technische natuurkunde aan de Technische Universiteit Delft.

Geneeskunde
Na het behalen van het kandidaatsexamen in 1982, begon Frijns naast zijn Delftse studie aan geneeskunde aan de Leidse universiteit. In 1983 studeerde hij af in de Technische natuurkunde op een afstudeeronderzoek getiteld Development of non-periodic stimuli for and investigation of the Binaural Edge Pitch. Hij voerde dit onderzoek uit in de groep Akoestische perceptie van wijlen prof.dr. G. van den Brink, en prof.dr.ir. F.A. Bilsen.

In december 1986 slaagde Frijns voor het doctoraalexamen aan de Leidse universiteit, waar hij vervolgens in juli 1988 het artsexamen aflegde.

Chef de clinique
Zowel in Delft als in Leiden verwierf Frijns in alle fasen van zijn studie het predikaat cum laude, en de reeks zou nog niet ten einde zijn.

In september van 1988 begon Frijns met cochlear implantonderzoek bij de afdeling Keel-, neus- en oorheelkunde van (toen nog) het Academisch Ziekenhuis Leiden, onder leiding prof.dr. P.H. Schmidt. Cochlear implants zijn mini-computers die dove kinderen geïmplanteerd krijgen, zodat ze klanken kunnen horen. Van oktober 1989 tot oktober 1994 werd Frijns in de kliniek opgeleid tot KNO-arts. Sindsdien is hij als staflid, eerst als chef de clinique en sinds 1999 als sectiehoofd Algemene KNO, verbonden gebleven aan de afdeling KNO van het Leidse academisch ziekenhuis, nu Leids Universitair Medisch Centrum geheten.

Bekroond
In 1995 promoveerde Frijns cum laude op een proefschrift getiteld Cochlear Implants - A Modelling Approach met als promotor prof. J.J. Grote (Leiden) en als co-promotor dr. J.H. ten Kate (Delft). Het proefschrift werd bekroond met de KNO-jaarprijs 1995 en de 2e prijs van de Vereniging voor Biofysica voor het beste biofysisch proefschrift van de jaren 1995 en 1996. In 1996 ontving Frijns de C.J. Kokprijs 1994 van de Universiteit Leiden.

Frijns sub-specialiseerde zich steeds verder in de (neuro-)otologie. Tegelijkertijd kreeg het vanuit de pre-kliniek gestarte onderzoek naar cochleaire implantatie onder zijn leiding steeds meer klinische implicaties.

CIRCLE
In 1999 werd Frijns hoofd van het multidisciplinaire Cochlear Implant Rehabilitation Centre Leiden-Effatha (CIRCLE) dat, begonnen met vijf cocklear implants (CI's) in 2000, inmiddels jaarlijks 35 implantaties bij volwassenen en 20 bij kinderen verricht. Dit mede op grond van fundamenteel onderzoek gestoelde klinische CI-programma behoort tot de beste ter wereld.

Frijns is docent bij diverse post-academische opleidingsactiviteiten, onder meer de The Leiden International Course Surgery of the Temporal Bone en bij de door hemzelf geïnitieerde, twee maal per jaar gehouden International Course: Cochlear Implantation in Adults and Children - A hands-on introductory course for ENT-specialists and audiologists.

Kernleerstoel
In 2004 was hij als voorzitter van de landelijke werkgroep cochleaire implantatie (het huidige CI-overleg Nederland) betrokken bij het opstellen van de Landelijke richtlijn voor cochleaire implantatie bij prelinguaal dove en ernstig slechthorende kinderen.

In mei 2005 werd Frijns benoemd tot bijzonder hoogleraar Otology en fysica van het gehoor aan de Universiteit van Leiden namens het Heinsius-Houbolt Fonds. Kort daarna volgde de benoeming tot hoogleraar/afdelingshoofd en A-opleider KNO aan het LUMC, als opvolger van prof.dr. J.J. Grote. Sinds 1 januari 2006 bezet Frijns als hij gewoon hoogleraar de kernleerstoel Keel-, neus- en oorheelkunde

(14 februari 2006)