Boeken
|
Criminaliteit en onveiligheidsbeleving Veel onderzoek en beleid op het gebied van onveiligheidsbeleving is gebaseerd op drijfzand. Dankzij verbeterde en nieuwe instrumenten voor het meten van onveiligheidsbeleving kan nu gebruik worden gemaakt van argumenten die wel gefundeerd zijn. Gabry Vanderveen ontwikkelde deze meetinstrumenten. Roofoverval |
![]() |
|
ring (‘hoe meet je het’) van onveiligheidsbeleving. Zij bewijst dat wie naar één enkel aspect van onveiligheidsbeleving kijkt, tot andere bevindingen komt dan iemand die naar meer aspecten kijkt. Mensen kunnen best beseffen dat ze weinig kans lopen slachtoffer te worden van een gewelddadige roofoverval, maar er toch bang voor zijn: het zal toch maar net jou overkomen. Net als bij een loterij: je weet dat de kans te winnen heel klein is, maar je zal hem maar winnen. Inschatting De belangrijkste aspecten van onveiligheidsbeleving die onderscheiden moeten worden zijn de angst dat iemands naaste iets naars overkomt, de angst zelf slachtoffer te worden, de inschatting van de ernst of omvang van de mogelijke gevolgen, de inschatting van de kans dat er echt iets naars gebeurt en ten slotte de veiligheidsgevoelens ’s nachts. Slachtofferenquêtes | |
(7 februari 2006)

