Brazilië in de Nederlandse archieven

‘Piet Hein’ mag voor Nederlanders een held zijn, de Brazilianen waren minder blij met de man van de grote daden. Piraat ‘Piet Hein’ maakte zich in 1628 voor de kust van Cuba meester van de jaarlijkse ‘zilvervloot’ die bestemd was voor de Spaanse Kroon. De buit was elf tot twaalf miljoen gulden waard, in de toenmalige munt. Dit bravourestukje legde de geldelijke basis voor de Nederlandse expedities ter verovering van het suikkerrijke Noordoost Brazilië. Dat was het begin van de 25-jarige aanwezigheid van Nederland in Brazilië.

Het bovenstaande staat te lezen in Marianne Wiesebrons inleiding op het boek Brazilië in de Nederlandse archieven, dat zij op 18 januari, tijdens de internationale rectorenconferentie, aanbood aan de ambassadeur van Brazilië. Het grootste gedeelte van dit boek omvat de inventaris van de omvangrijke collectie Overgekomen Brieven en Papieren uit Brazilië en Curaçao uit het archief van de eerste West-Indische Compagnie in het Nationaal Archief. Het boek is bedoeld om de documentatie over het Nederlands Brazilië van de zeventiende eeuw toegankelijk te maken voor wetenschappers, óók voor de Braziliaanse; het boek verschijnt ook in het Portugees. Het Nederlandse ministerie van Economische zaken nam hiervoor, bij wijze van cadeau, het initiatief.

Brazilië in de Nederlandsche archieven (1624-1654). De West-Indische Compagnie. Overgekomen Brieven en Papieren uit Braziliën en Curaçao. Marianne L. Wiesebron (ed.). ISBN 90-5789-102-6. 604 pp. Leiden, 2005. € 45,-

Meer informatie

24 januari 2006 / DH