Forse stijging Leidse promoties

Het aantal promoties aan de Leidse universiteit is vorig jaar fors gestegen. De teller stond aan het eind van 2005 op 289 proefschriften, dat zijn er 49 meer dan in 2004. De grootste stijgers zijn de faculteiten Rechtsgeleerdheid en Wiskunde en Natuurwetenschappen (W&N), met allebei vijftien méér jonge doctores. Ook LUMC/geneeskunde deed het goed (+12).


Een groeipercentage van 21 in 2005 is opmerkelijk hoog na een vrijwel stabiel promotiepatroon in de jaren daarvoor.

 

Pedel Willem van Beelen

 

Aantallen promoties 2001-2005

 

 

 

 

 

2001

2002

2003

2004

2005

ICLON

1

1

 

 

 

Archeologie

1

2

4

3

2

Wijsbegeerte

 

 

2

1

2

CML

4

1

3

3

4

Godgeleerdheid

6

1

3

1

6

FSW

23

19

18

25

22

Rechten

8

14

16

10

25

Letteren

42

30

49

41

45

W&N

67

85

67

75

90

LUMC/geneeskunde

79

80

74

81

93

Totaal

231

233

236

240

289

 

Beleid
In Leiden is sprake van meerdere factoren die het aantal promoties gunstig hebben beïnvloed.
Professor Frans Saris, decaan van W&N, schrijft de stijging gekscherend, maar met een serieuze ondertoon, toe aan het beleid van de faculteit. 'Statistisch zou alleen een stijging van tien promoties te verklaren zijn als een normale fluctuatie', aldus Saris. 'Voor een promovendus is meestal het vierde jaar het oogstjaar, voor het faculteitsbestuur blijkbaar ook.' Saris kan twee oorzaken aanwijzen die duidelijk uit het beleid voortvloeien.'Het bestuur heeft de afgelopen vier jaar multidisciplinair onderzoek bevorderd, voornamelijk op het gebied van Life en Bio-science'. Er werden extra gelden vrijgemaakt voor hoogleraren uit verschillende disciplines die samenwerken bij promoties. Van promovendi die hun promotie niet binnen vier jaar hadden afgerond, werd de aanstelling met een jaar verlengd, zodat ze hun promotie af konden maken als medewerker van de faculteit.'

Toeval
Ook professor Wim Voermans, portefeuillehouder onderzoek bij Rechten, noemt het beleid als een belangrijke oorzaak van de stijging. Verder speelt volgens hem ook het toeval mee. 'Bij de reorganisatie bij Rechten is afgesproken dat de universitair docenten die aangesteld zouden blijven, promotieplichtig werden', vertelt Voermans. 'Die oogst zijn we nu aan het binnenhalen.' Maar de reorganisatie kan niet de enige reden voor de stijging zijn. Promotoren is nadrukkelijk gevraagd promovendi te stimuleren. Verder heeft de faculteit vergeleken met zusterfaculteiten bij andere universiteiten, een groot aantal, op dit moment 120, buitenpromovendi. Deze hebben geen onderzoeksaanstelling; ze komen alleen voor begeleiding naar de universiteit. 'De aantallen promovendi hebben een sterke magneetfunctie voor nieuwe promovendi', zegt Voermans. 'Hierbij is het ook van belang dat aan onze universiteit opmerkelijk veel proefschriften niet in het Nederlands worden geschreven. Van de tien promoties in 2004 waren er vier in het Engels en één in het Frans.' Voermans verwacht dat in 2006 het aantal promoties bij Rechten weer meer dan 20 zal bedragen.

Vrouwen
In 2005 was 43% van de gepromoveerden vrouw. Het aandeel was iets lager dan in 2004 (45%), maar hoger dan in de periode die daaraan voorafging (39%). Deze relatieve daling in 2005 kan worden toegeschreven aan het feit dat de toename van het aantal promoties vooral optrad bij Rechtsgeleerdheid en W&N. Daar promoveren doorgaans minder vrouwen dan elders. Alleen 2004 was bij Rechten uitzonderlijk. Toen waren 6 van de 10 gepromoveerden van vrouwelijke kunne. Dat leverde percentueel gezien een topjaar op: 60% vrouwelijke jonge doctores. Bij W&N zien we een ander beeld: daar nam het percentage promoties door vrouwen in 2005 toe ten opzichte van 2004: van 32% naar 39%.

Koploper in 2005 is het LUMC dat zelfs voor het eerst meer vrouwen (49) dan mannen (44) zag promoveren, een toename van 46% naar 53% ten opzichte van 2004. Het LUMC nam daarmee het stokje over van Rechtsgeleerdheid.

Promotoren
Bij een succesvolle promotie speelt de promotor een belangrijke rol. Negen hoogleraren schreven in 2005 ex aequo de meeste promoties op hun naam, namelijk vier:

  • Prof. Theo van Berkel (W&N)
  • Prof. Leonard Blussé van Oud Alblas (Letteren)
  • Prof. Gerard Canters (W&N)
  • Prof. Theo D'haen (Letteren)
  • Prof. Rune Frants (LUMC)
  • Prof. Simon Groenveld (Letteren)
  • Prof. Kees Melief (LUMC)
  • Prof. Frits Rosendaal (LUMC)
  • Prof. Herman Spaink (W&N)

Bijzonder is dat alle vier promoties van professor Blussé plaatsvonden in een tijdsbestek van twee dagen: 14 en 15 december 2005.

Over de periode 2001-2005 is professor Jan Reedijk (W&N) recordhouder met negentien promoties. In 2002 realiseerde hij er zeven. Die prestatie werd in 2004 geëvenaard door professor Mohamed Daha.

(HS/SH/CH-10-01-06)