|
Interview met Szabó Op 5 september, de eerste dag van de introductieweek, hebben de studenten - ze zijn dan niet meer 'aanstaand' - De Katalinstraat gelezen. De middag staat dan geheel in het teken van het boek. Onder leiding van docenten bespreken de studenten het werk. Aan het eind van de middag is Magda Szabó (1917) zelf aanwezig. Ze krijgt in een interview vragen voorgelegd die uit de studiemiddag voortkomen.
Cijfers en letters Het is opmerkelijk dat juist de faculteit wiskunde en natuurwetenschappen zich heeft aangesloten. Of is het een vooroordeel dat bètastudenten meer op cijfers dan op letters zijn ingesteld? Professor Rob Visser, hoogleraar Geschiedenis van de natuurwetenschappen, met hoogleraar taalwetenschap Arie Verhagen trekker van het project, vindt van wel. 'Mijn ervaring is dat de literaire belangstelling van W&N-studenten niet onderdoet voor die van studenten uit de letterenfaculteit. De reputatie van 'ongeletterdheid' van bètastudenten is grotendeels uit de lucht gegrepen.'
Academische vorming W&N-decaan Frans Saris staat vierkant achter de deelname van zijn faculteit. 'Het is goed dat studenten er van het begin af aan van doordrongen zijn dat ze aan een universiteit studeren en dat ze naast een vakgerichte opleiding ook een academische vorming krijgen.' Geen opvallend standpunt voor iemand die in juni nog een oratie uitsprak onder de titel 'Science through the looking glass of literature'. Maar de academische vorming is voor W&N niet het enige argument om mee te doen. De faculteit wil ook het contact tussen studenten van verschillende faculteiten aanwakkeren. Visser: 'Studeren aan de Leidse universiteit betekent dat je over de grenzen van je eigen vakgebied heen durft te kijken.'
Discussie Visser vervolgt: 'Het belang van dit project is overigens voor onze studenten niet anders dan voor de letterenstudenten. Wij hopen dat ze door dit project een eerste idee krijgen van wat studeren aan een universiteit inhoudt: verder komen door over niet al te gemakkelijke onderwerpen met anderen in discussie te gaan. Dit geldt niet alleen voor studenten maar ook voor docenten en onderzoekers.' Het is Visser dan ook opgevallen dat binnen de faculteit vanaf het begin vrij positief is gereageerd op het project. 'De docenten tonen een grote bereidheid om eraan mee te werken. En uit de eerste reacties van de aanstaande studenten bleek dat ze het helemaal niet vreemd vinden om zich over een literaire tekst te buigen.' |