|
Niemand gelooft nog dat je kwaliteit biedt. En studenten kiezen toch voor kwaliteit. Ik denk dat we die kwaliteit het beste kunnen ontsluiten door samenwerkingsverbanden aan te gaan met buitenlandse universiteiten. Als we een goede naam hebben, komen de studenten vanzelf."
Nieuwe kennis Coelen benadrukt dat docenten actief in hun vakgebied moeten zijn. "Als we in het buitenland bekend willen worden, willen we dat met de kwaliteit van onderzoek. Toen ik microbiologie doceerde, moest ik studenten tot het randje van de kennis in dat vakgebied brengen. En ze dan leren die rand op te schuiven. Het echte proces - het genereren van nieuwe kennis - kun je alleen doceren als je zelf in dat proces bezig bent."
Frisse blik Tot voor kort was het International Office een procesmatige organisatie. Coelen is begonnen er een communicatieve organisatie van te maken. "We moeten niet om negen uur aan dat stapeltje links beginnen, dat om vijf uur rechts moet liggen", vindt Coelen. "Automatisering van processen kan veel verder worden doorgevoerd. Dan krijgen mensen tijd voor de écht belangrijke dingen: communiceren, inhoudelijk bezig zijn. We moeten aan de slag met de twintig procent van het werk die inhoudelijk interessant is. Niet met de tachtig procent routineklussen." Dat Coelen dertig jaar 'down under' heeft gewerkt, ziet hij als een voordeel: "Het is goed als iemand een frisse blik op de institutionele en universitaire cultuur in Leiden werpt."
Masters Met de invoering van het BaMa-stelsel gaan in september de eerste masteropleidingen van start. Reden om het Leiden University Worldwide Program bij het International Office onder te brengen. Dit LUWP bracht de Engelstalige opleidingen in het buitenland onder de aandacht. Die waren meestal voor buitenlandse studenten ontwikkeld. Omdat het nu hele Engelstalige aanbod voor de buitenlandse markt in aanmerking komt, is het logisch dat de twee organisaties worden samengevoegd. Coelen vindt het BaMa-stelsel in Leiden een goede zaak: "Nederland kan zich daarmee internationaal profileren. De drempel voor buitenlandse studenten wordt lager."
China en India Coelen ziet zijn taak in het tot stand brengen en onderhouden van contacten met buitenlandse universiteiten. "Voornamelijk op academisch gebied", legt hij uit. "Onderzoek doen is internationaal bezig zijn. Het idee dat het hier beter is, gaat ons parten spelen. In het Verre Oosten zijn op academisch vlak enorme veranderingen gaande. Over vijf of tien jaar zien ze ons niet meer staan als we ons daar nu niet goed aan verbinden." China en India worden de wetenschappelijke wereldmachten, weet Coelen. Bij zijn vorige werkgever was hij al blij met een nieuw instituut in Brisbane, waar zevenhonderd wetenschappers in één gebouw zaten. Maar, zegt Coelen: "In Shanghai stampen ze zeven van die gebouwen uit de grond. Ze halen van over de hele wereld alle gerenommeerde Chinese wetenschappers terug. Die bieden ze een hoge post aan, met huisvesting en alles er omheen. Wij staan in het rijtje, samen met Stanford en Yale. Die kloppen daar allemaal aan."
Ranglijstjes Of je wilt of niet, de ranglijsten zoals die van John O'Leary in de Times Higher Education Supplement zijn volgens Coelen bepalend. Wie daarin staat, zit goed. Wie hoger wil klimmen, moet inspelen op de manier waarop zo'n lijst tot stand komt. Want O'Leary's lijst is voor zestig procent op basis van perceptie samengesteld. "Je wordt als wetenschapper vanuit Engeland gebeld met de vraag welke universiteit jij de beste vindt. Dat telt dus. En het werkt. Een Australische universiteit had na acht jaar groei vijftien procent minder aanmeldingen. Maar toen die universiteit hoog in zo'n ranglijst eindigde, steeg het aantal aanmeldingen onmiddellijk met vijftien procent." Lachend stelt Coelen dat Cambridge zulke lijsten aan de laars lapt: "Dat kan natuurlijk als je altijd op nummer één staat..." En hoewel geen land ter wereld in O'Leary's lijst beter vertegenwoordigd is dan Nederland - met 55 procent van de universiteiten - mag Leiden wel wat naar boven schuiven, vindt Coelen. En daar gaat hij werk van maken.
Op www.leiden.edu/intman/ staat het Internationalisation Manual van de Universiteit Leiden. Hierin is onder meer een organogram te vinden, maar ook wie voor wat aanspreekbaar is en hoe allerlei procedures werken.
|