Laurens Jan Brinkhorst: studenten vormen de toekomst
|
|
'Ik mag in bepaalde opzichten ervaring hebben, maar u vormt de toekomst', zal prof.mr. Laurens Jan Brinkhorst (71) zijn studenten volgende week voorhouden tijdens zijn oratie. De hoogleraar Internationaal en Europees recht en bestuur is ervan overtuigd dat het essentieel is om nieuwe generaties te laten delen in de inzichten over Europa die in het verleden zijn opgedaan.
Inspiratie
Brinkhorst beschouwt de Europese Unie als een noodzakelijke voorwaarde voor het voortbestaan van de individuele Europese staten. 'In zekere zin is de EU zelfs dienstbaar aan het voortbestaan van de staten als levende democratieën, rechtsstaten en verzorgingsstaten.' Het belang van Europa voor de toekomst kan nauwelijks overschat worden, vindt Brinkhorst. Zijn inspiratie vindt hij in het verlangen bij te dragen aan 'een beter bestaan voor mensen in Nederland, in Europa en in de wereld.'
Nieuwe generatie
Voor dat Europese ideaal heeft Brinkhorst zich gedurende zijn hele carrière ingezet en hij vindt dat hij daar nu niet beter aan kan bijdragen dan door een nieuwe generatie studenten inzichten bij te brengen over Europa. Al kleeft de beslissing weer college te gaan geven ook enig eigenbelang aan: 'Ik leer op mijn beurt weer van de jongeren. Wat zijn hún bekommernissen, wat vinden zij belangrijk voor de toekomst?'
Navelstaarderig

Hoe ervaart Brinkhorst, na een lange carrière in de politiek, het contact met studenten? Brinkhorst: 'Om te beginnen is er bij Nederlandse studenten een groot gebrek aan kennis over Europa. Kennis begint met interesse, en die ontbreekt. Deze onverschilligheid ten aanzien van Europa wordt veroorzaakt door de sterk naar binnen gerichte houding van Nederland. Die afzijdigheid is voor een groot deel terug te voeren op de Nederlandse geschiedenis van neutraliteit vanaf 1815. België en Frankrijk hebben sterk geleden onder de Eerste Wereldoorlog, Nederland was neutraal. Die neutraliteit speelt Nederland nog altijd parten en leidt tot een navelstaarderige benadering. We staan te veel met onze rug naar het continent toe en richten ons te veel op de Verenigde Staten. Dat is niet erg verstandig. Nederland kan niet functioneren met een muur om zich heen.'
Wetenschappelijke carrière Politieke carrière
Europa in de praktijk
Laurens Jan Brinkhorst (1937) begon zijn rechtenopleiding in Leiden en voltooide die aan de Columbia University in New York. Van 1961 tot 1967 was hij aan de Universiteit Leiden, onder andere als directeur van het Europa Instituut, verbonden. Van 1967 tot 1973 was hij hoogleraar Europees recht in Groningen, van 1992 tot 1999 hoogleraar Internationaal milieurecht in Leiden en in 2002-2003 hoogleraar Transnational and European Governance in Tilburg.
Van 2003 tot 2006 was Brinkhorst minister van Economische Zaken. Eerder was hij staatssecretaris van Buitenlandse Zaken (1973-1977) en minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (1999-2002). Verder was hij Tweede-Kamerlid (1977-1982) voor en fractievoorzitter van D66 (1981-1982), en lid van het Europees Parlement (1994-1999). Ook was hij jarenlang werkzaam bij de Europese Commissie (1982-1994), eerst als ambassadeur in Japan en daarna als directeur-generaal milieubeleid en veiligheid.
Hoe slaagt Brinkhorst er in om bij deze in het navelstaarderige Nederland opgegroeide studenten toch interesse te kweken voor Europa? 'Door met ze discussiëren en ze te stimuleren vragen te stellen. Studenten stellen te weinig vragen, vind ik. Door hén vragen te stellen en aan te sluiten bij hun eigen ervaringen, probeer ik een discussie op gang te brengen. Wat ook goed werkt is aansluiten bij Europa in de praktijk. Ik doe mee aan een college 'Europa in de praktijk' waarvoor mensen die voor Europa werken of gewerkt hebben, zijn uitgenodigd om te komen vertellen over hun ervaringen. Zij kunnen studenten een kijkje in de keuken van Europa geven door bijvoorbeeld te laten zien hoe een Europese wet tot stand komt. Daardoor raken studenten geïnteresseerd en het maakt dat ze vragen gaan stellen over het hoe en waarom van Europa.'
Belangstelling voor Europa
Hoe is bij Brinkhorst zelf de belangstelling voor Europa eigenlijk ontstaan? 'Het begon denk ik bij mijn moeder, die me stimuleerde talen te leren en de wereld te verkennen. Maar ik denk dat professor Ivo Samkalden de meest beslissende invloed op mijn carrière heeft gehad. Ik studeerde af in mei 1959. Als studievak bestond het Europees recht nog niet. Na mijn studie ging ik naar New York om bij een advocatenkantoor te gaan werken. Daar kwam ik Samkalden tegen, die begin 1959 hoogleraar Europees recht in Leiden was geworden. Hij vroeg mij toen om zijn assistent te worden. Vanaf dat moment werd Europees recht de voedingsbodem voor alles wat ik heb gedaan. In de kern ging het altijd om de vraag hoe Europees recht te maken heeft met de vormgeving van de samenleving. Ik heb de afgelopen veertig jaar gezien dat je alleen door samen te werken verder komt. Die ervaring wil ik graag overdragen aan een nieuwe generatie studenten.'
(1 april 2008/DH)

