Eisen aan nieuwe docenten


Workshop Dossier beoordelen voor leden van de toetsingscommissies BKO op 11 januari. V.l.n.r.: dr.mr. Lies Punselie (rechten), dr. Gerda Korevaar (rechten), dr. Nora Goosen (W&N)  en prof.dr. Ton de Boer (Farmacie, Universiteit Utrecht) die de kersverse commissieleden kwam bijstaan; in Utrecht is de Basiskwalificatie Onderwijs al eerder ingevoerd.
Sinds 1 januari moeten alle nieuwe docenten aan de Universiteit Leiden het certificaat Basiskwalificatie Onderwijs halen. Morgen ondertekenen de universiteiten een overeenkomst waarin staat dat zij elkaars certificaten erkennen. Vice-rector magnificus Rietje van Dam is enthousiast over de invoering.

Wederzijdse erkenning
De BKO waart door de Nederlandse universiteiten. BKO staat voor Basiskwalificatie Onderwijs. De idee erachter is een gewaarborgde onderwijskwaliteit: docenten die de kunst van het collegegeven bewijsbaar onder de knie hebben, krijgen een BKO-certificaat, minder ervaren en beginnende docenten worden eerst bijgeschoold. Enkele universiteiten, zoals de Universiteit Utrecht, en de Radboud Universiteit voerden de BKO als eerste in. En zoals vaker gebeurt, werd dit een landelijke ontwikkeling: andere universiteiten volgden. In Leiden zijn de voorbereidingen al enige tijd aan de gang. Het moment is nu daar om over te gaan tot erkenning van de BKO-certificaten van andere universiteiten en vice versa. Dat gebeurt op 23 januari door middel van de ondertekening door de rectoren, van een overeenkomst terzake in Amsterdam, georganiseerd door de vereniging van universiteiten, de VSNU.  


Vice-rector magnificus Rietje van Dam: 'De BKO is goed voor de universiteit en goed voor de docent.'
Dossier
Inmiddels hebben alle faculteiten een toetsingscommissie in het leven geroepen. Deze commissie oordeelt op grond van het dossier van een nieuwe docent of deze het BKO-certificaat meteen krijgt, of dat de onderwijsvaardigheid nog hiaten vertoont. De docent stelt dat dossier samen ná indiensttreding. Het dossier bevat studentenoordelen, zelf ontworpen onderwijs en toetsmateriaal, en andere proeven van de onderwijskwaliteit. 

De toetsingscommissie legt het dossier langs de meetlat van de zogenoemde eindtermen voor de basiskwalificatie onderwijs. Enkele voorbeelden van eindtermen ('eisen') zijn: de student een academische houding kunnen aanleren, eigen onderzoek kunnen omzetten in onderwijs, technische middelen (ict, audio, video) effectief kunnen inzetten en verschillende docentrollen kunnen spelen (inspirerend college geven, werkgroep begeleiden).

Mentor
Wanneer een docent nog niet voldoet aan de eindtermen of helemaal geen onderwijservaring heeft, krijgt hij/zij een mentor toegewezen in de persoon van een ervaren collega. Samen bekijken ze hoe de ontbrekende of onvoldoende vaardigheden het beste op peil kunnen worden gebracht. Dat kan door bij goede docenten te gaan kijken hoe die het doen, door het volgen van cursussen die het ICLON speciaal in het kader van de BKO heeft ontwikkeld en die aansluiten bij de verschillende clusters eindtermen, of door individuele coaching.


Prof.dr. Jan Kijne, lid van de Stuurgroep BKO, trad  tijdens de workshop van 11 januari op als voorzitter.
Trots
Als aangenomen mag worden dat het dossier voldoende niveau heeft voor een goede beoordeling, kan het opnieuw aan de toetsingscommissie worden aangeboden. Een nieuwe docent heeft twee jaar de tijd om het BKO-certificaat te verwerven. Vice-rector magnificus Rietje van Dam is enthousiast. Over de BKO omdat die goed is voor de universiteit en goed voor het individu, maar ook over het dossier. 'Het maakt mij niet uit in wat voor vorm het gegoten wordt, ik omarm het concept', zegt ze. 'In mijn ogen is het een waardevolle aanvulling op je cv. Je kunt heel concreet laten zien wat je kunt en waar je trots op kunt zijn.'

Tenminste een jaar en 0,5 fte
De BKO geldt voor alle nieuwe docenten die een aanstelling hebben gekregen van tenminste een jaar en een aanstelling van tenminste 0,5 fte. Met docenten met een korter dienstverband of minder uren, kunnen aangepaste afspraken worden gemaakt. Ook nieuwe hoogleraren. krijgen te maken met de BKO. Bij hen worden de onderwijsvaardigheid echter meegenomen in de 


Over de Basiskwalificatie Onderwijs is een brochure gemaakt. Nieuwe docenten krijgen deze automatisch, zittende docenten kunnen ervoor terecht bij de facultaire contactpersoon.
sollicitatiefase. Wat dat betreft verandert er niet zoveel want dat was al gebruikelijk.

Kwaliteitsborging
De Universiteit Leiden zou graag zien dat ook zittende docenten gaan voor het certificaat. Om dezelfde redenen waarom het voor nieuwe docenten waardevol is. Vice-rector Van Dam. 'Een dossier is een soort groeidiamant waar je elke keer nieuwe proeven aan kunt toevoegen en die laten zien dat je onderwijs zich ontwikkelt', zegt ze. Bovendien ziet ze het rol spelen in de kwaliteitsborging die bij de universiteiten een steeds grotere rol gaat spelen. 'Straks krijgen we misschien instellingsaccreditatie. Ik wil graag dat de Leidse universiteit dan een van de eerste is die die accreditatie verwerft. Daarvoor heb je een kwaliteitszorgsysteem nodig dat op alle niveaus van de universiteit doorwerkt. Een mogelijkheid die we kunnen overwegen is voor alle docenten het dossier door te voeren en dit te koppelen aan onderwijsvernieuwing.'

Link
Meer over de Basiskwalificatie Onderwijs

(22 januari 2007/CH)