Hormonen zichtbaar maken


Prof.dr. Jan Smit: 'Het uitschakelen van de schildklier en het vervolgens aanvullen van het hormoontekort met medicijnen, is een spotgoedkope behandelmethode.'

Onderzoekers en artsen weten nog lang niet genoeg over de werking van hormonen. Met meer kennis zou de behandeling van hormonale ziektes vaak anders en beter kunnen. Klinisch endocrinoloog Jan Smit doet onderzoek naar hormonen en zet zich in voor betere behandelmethodes. Vrijdag 25 januari houdt hij zijn oratie over de uitdagingen voor de moderne endocrinologie.

Communicatiewetenschappers
'Hormonen zijn betrokken bij vrijwel alles wat het lichaam doet om in leven te blijven', zegt Smit. 'Ze regelen het interne programma van je lichaam, bijvoorbeeld je lengte, je vruchtbaarheid en je stofwisseling. Hormonen zorgen ook voor de communicatie tussen het lichaam en de buitenwereld. Hormonen - die worden gemaakt in hormoonklieren - zijn de boodschappers van het lichaam. Daarom noemen we onszelf ook wel eens gekscherend communicatiewetenschappers.' Smit is hoogleraar bij de vakgroep Endocrinologie en stofwisselingsziekten van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC).

Werking hormonen slecht bekend
Hoewel de endocrinologie zeer succesvol is, is de behandeling van patiënten met hormoonziekten niet optimaal. Smit: 'We weten onvoldoende van de werking van hormonen: die is grotendeels onzichtbaar. We meten nu bij patiënten hormoonspiegels in het bloed, maar bloedwaarden zeggen weinig over de werking van 


Zichtbaar maken van endocriene ziekten: lichtgevende schildkliertumoren in proefdiermodel.

hormonen in het weefsel zelf. Die werking kunnen we niet zichtbaar maken. En daar gaat het om. Ik wil daarom de manier waarop we nu tegen hormonale ziekten aankijken analyseren en nieuwe methodes bedenken om het in de toekomst anders en beter te kunnen doen.'  

Betere behandelmethodes nodig
Volgens Smit valt ook de kwaliteit van de huidige behandelmethodes nog te verbeteren. 'De behandeling van zieke hormoonklieren bestaat nu vaak uit het uitschakelen van die klier. De ontbrekende hormonen vullen we aan. Dat is grofweg hetzelfde als een gebroken been amputeren en vervolgens zeggen dat de patiënt genezen is. Dit moet anders en beter. Je zou moeten proberen de oorzaak van het probleem aan te pakken. Een punt hierbij is dat de huidige, tekortschietende praktijk spotgoedkoop is: een jaar schildklierhormonen slikken kost 36 euro. Dat belemmert de ontwikkeling van nieuwe, en waarschijnlijk veel duurdere therapieën.' De situatie is omgekeerd bij suikerziekte die door overgewicht ontstaat, een steeds vaker voorkomende welvaartsziekte. Het is heel normaal om bij suikerziekte dure medicijnen voor te schrijven, maar het zou veel beter zijn om met een behandeling de schadelijke levensstijl van deze patiënten te verbeteren.'

Oplossingen zoeken
Smit wil deze vraagstukken helpen oplossen: 'We proberen hormonen, hormoonwerking en hormoonziektes zichtbaar te maken, letterlijk, met geavanceerde beeldvorming.' Smit probeert zogenaamde biomarkers te identificeren, stoffen in het bloed die overeenkomen met wat hormonen in de weefsels doen. Met biomarkers hoopt hij ook beter vaatschade bij suikerzieke patiënten te kunnen ontdekken. 'Maar naast onderzoekers zijn we ook dokter', zegt Smit. 'Dat vind ik erg belangrijk. Je moet ook met je voeten in de klei staan.'


Prof.dr. Jan Smit: 'Ook de kwaliteit van de huidige behandelmethodes is te verbeteren.'
Betere voorlichting en opleiding
Smit vindt eerlijke voorlichting aan patiënten van cruciaal belang. 'Door alle medische programma's op tv heeft de maatschappij soms het idee dat de medische wetenschap alles kan.  Dat is niet zo, er is zoveel dat we niet weten. Je moet die beperkingen ook duidelijk maken. Zo voorkom je ook irreële verwachtingen bij patiënten. Daarnaast is het belangrijk om medisch studenten in te wijden in de nieuwe ontwikkelingen van de endocrinologie zodat zij later, als arts en wetenschapper, de behandelingen kunnen ontwikkelen die wij nu bedenken.

Tussen wal en schip
In het LUMC ziet Smit relatief veel patiënten met kanker in hormoonklieren. Toch is het een soort kanker die veel minder vaak voorkomt dan bijvoorbeeld long- of borstkanker. 'Mensen met deze zeldzame kanker vallen vaak tussen wal en schip. Omdat hun ziekte zo weinig voorkomt, wordt er nauwelijks geïnvesteerd in adequate behandelingsmethoden. Dat zie ik daarom als een van mijn grote uitdagingen.'

Biografie
Prof.dr. Jan Smit (Zutphen, 1962) studeerde Geneeskunde aan de Universiteit Utrecht. In 1995 promoveerde hij aan diezelfde Universiteit op zijn proefschrift Clinical consequenses of cholesterol synthesis inhibitors. Sinds december 2006 is hij bij het LUMC hoogleraar 'Interne geneeskunde, in het bijzonder de klinische endocrinologie'.

Oratie prof.dr. J.W.A. Smit
Titel: Overvloed en onbehagen. Uitdagingen voor de moderne endocrinologie
Vrijdag 25 januari 2008, 16.15 uur
Academiegebouw, Rapenburg 73

(22 januari 2007/Jacco van Weele)