Leidse astronoom interim-directeur reusachtige radiotelescoop


Prof.dr. Thijs de Graauw
Prof.dr. Thijs de Graauw, buitengewoon hoogleraar sterrenkunde aan de Leidse Sterrewacht, is met ingang van april 2008 benoemd tot interim-directeur van de internationale Atacama Large Millimeter Array (ALMA). ALMA zal de grootste radiotelescoop ter wereld worden en is sinds 2003 in aanbouw op een hoogte van 5 kilometer in de Chileense Andes. De telescoop moet in 2012 klaar zijn. Het ALMA-project is een samenwerkingsproject van Europa, de VS en Japan. Het grootste internationale samenwerkingsproject op sterrenkundig gebied.

ALMA bestaat uit tientallen radioschotels van twaalf meter en zeven meter diameter. Elk van de antennes is uitgerust met een aantal ontvangers, waarvan de afzonderlijke signalen in een zeer grote zogeheten correlator bij elkaar gebracht worden om op die manier een beeld van de hemel te vormen. De procedure is in principe dezelfde als die al decennia lang bij de Nederlandse Westerbork Synthese Radio Telescoop wordt gevolgd. Maar ALMA werkt op meer dan honderd keer kortere golflengten en ziet op die golflengten van ongeveer een millimeter zo'n 500 maal scherper. Omdat de atmosfeer, en vooral de waterdamp daarin, net als voedsel in een microgolfoven, straling met zulke korte golflengten absorbeert, is ervoor gekozen de ALMA te bouwen in de kurkdroge Chileense Atacama-woestijn, op de hoogvlakte van Chajnantor (5100 m) in de Andes.

Thijs de Graauw (geb. 1942) studeerde sterrenkunde in Utrecht, waar hij in 1975 bij prof.dr. H.G. van Buren promoveerde op een proefschrift over heterodyne waarneemtechnieken in de infrarood-sterrenkunde. Van 1975 tot 1983 werkte hij als lid van de wetenschappelijke staf van het Space Science Department, Directorate of Science van de Europese ruimtevaartorganisatie ESA op het Estec-laboratorium te Noordwijk aan de ontwikkeling van microgolfontvangers. Van 1983 tot 1990 was hij directeur van de Groningse vestiging van de Stichting Ruimteonderzoek Nederland (SRON). Van 1990 tot 2007 was hij directeur van het infrarood- en submillimeteronderzoekprogramma van SRON. Vanaf 2003 is hij als buitengewoon hoogleraar aan de Sterrewacht Leiden verbonden.

Vanaf 1999 tot heden fungeert De Graauw als hoofdonderzoeker van een van de drie hoofdinstrumenten van ESA's Herschel Observatorium, een van de hoekstenen van het Europese ruimteonderzoek. Het Herschel Observatorium zal naar verwachting eind dit jaar in de ruimte worden gebracht. De Graauw stond al in de jaren tachtig aan de wieg van dit project, dat hij toen onder de naam FIRST heeft gestart. In zijn succesvolle loopbaan heeft De Graauw zich ontwikkeld tot een deskundige van wereldnaam op het gebied van de sterrenkunde op (sub)millimeter-golflengten, met een uitstekende instrumentele achtergrond en een aanzienlijke ervaring in het leiden en coördineren van grote internationale projecten.

(22 januari 2008/SH)