Zelfbeeld van geadopteerden even goed


Twee geadopteerde Chinese kinderen.
Het zelfbeeld van geadopteerden is even goed als dat van niet-geadopteerden. Dit schrijven de gezinspedagogen prof.dr. Femmie Juffer en prof.dr. Rien van IJzendoorn deze maand in een artikel in het toonaangevende tijdschrift Psychological Bulletin.

Zelfvertrouwen
'Een positief zelfbeeld is een belangrijke pijler onder een gezonde psychologische ontwikkeling', zegt hoogleraar Adoptie Femmie Juffer, werkzaam bij het Centrum voor Gezinsstudies van het department Pedagogiek. 'Bij het zelfbeeld gaat het er om hoe waardevol een persoon zich voelt en hoeveel zelfvertrouwen hij of zij heeft. Vaak wordt gedacht dat adoptiekinderen een minder goed zelfbeeld hebben omdat zij vóór de plaatsing in het adoptiegezin achterstanden hebben opgelopen.'

Afgestaan
Ook kunnen geadopteerden zich minder waard voelen omdat zij afgestaan zijn door hun biologische ouders. Daarnaast hebben internationale en transraciale adoptiekinderen een andere huidskleur en een andere culturele achtergrond. Hierdoor zouden ze zich minder geaccepteerd kunnen voelen in hun gezin en in de maatschappij.

Internationaal en transraciaal
In een omvangrijk meta-analytisch onderzoek tonen Juffer en hoogleraar Pedagogiek Rien van IJzendoorn, eveneens verbonden aan het Centrum voor Gezinsstudies, aan dat geadopteerden een even goed zelfbeeld hebben als hun niet-geadopteerde leeftijdgenoten. De uitkomst geldt zowel voor binnenlandse als voor internationale en transraciale adoptiekinderen. Een artikel over het onderzoek wordt deze maand gepubliceerd in het toonaangevende tijdschrift Psychological Bulletin.


'Bij het zelfbeeld gaat het er om hoe waardevol een persoon zich voelt en hoeveel zelfvertrouwen zij heeft.'
Geen verschil tussen levensfasen
De meta-analyse is gebaseerd op 88 wetenschappelijke studies, gehouden onder ruim 10.000 geadopteerden en meer dan 33.000 niet-geadopteerden in vergelijkingsgroepen. 'Alle leeftijden waren vertegenwoordigd in de meta-analyse', aldus Juffer. 'Ook wat dat betreft werden er geen verschillen gevonden. Adoptiekinderen hadden zowel tijdens de kinderjaren als in de puberteit als gedurende de volwassenheid een even goed zelfbeeld als andere kinderen.'

Evenmin afwijkingen
In een tweede meta-analyse werden 18 studies betrokken waarin transraciale adoptie werd vergeleken met adoptie binnen dezelfde raciale groep. Ook hier werden geen afwijkingen gevonden.

Veerkracht
Volgens de onderzoekers toont het feit dat adoptiekinderen na een moeilijke start met hulp van hun adoptieouders toch een positief zelfbeeld ontwikkelen, de veerkracht van kinderen aan. In eerdere publicaties in onder meer JAMA rapporteerden de onderzoekers op grond van meta-analytisch onderzoek vergelijkbare uitkomsten met betrekking tot het lichamelijke, sociaal-emotionele en cognitieve functioneren van adoptiekinderen.

Van IJzendoorn: 'Dat adoptiekinderen ruime herstelkansen hebben, wijst op de plasticiteit van de vroegkinderlijke ontwikkeling: eenmaal opgelopen achterstanden kunnen worden ingehaald als de opvoedingssituatie verbetert.'

Wel verschil
In een kleine set van drie studies werden wel verschillen in zelfbeeld gevonden tussen adoptiekinderen en kinderen die opgroeien in tehuizen: de tehuiskinderen hadden een significant minder goed zelfbeeld dan de adoptiekinderen.

(De meta-analyse werd uitgevoerd in samenwerking met het Adoptie Driehoek Onderzoeks Centrum (ADOC) met steun van het VSBfonds, Fonds1818, het Fonds Psychische Gezondheid en de Stichting Kinderpostzegels.)

Juffer, F., & Van IJzendoorn, M.H. (2007). Adoptees do not lack self-esteem: A meta-analysis of studies on self-esteem of transracial, international and domestic adoptees. Psychological Bulletin, 133(6), 1067-1083.

Links

(6 november 2007/CH)