De smakelijke saus van de stijl

Stijl is de saus over een tekst. Iedereen weet dat stijl een tekst kan maken of breken. Toch is er nog geen wetenschappelijke discipline die zich bezighoudt met stijlonderzoek. Met een NWO-subsidie komt daar nu verandering in.

Collegereeks
Het idee voor het stijlonderzoek werd al in 1999 geboren tijdens een collegereeks van prof.dr. Arie Verhagen (taalkunde) en prof.dr. Ton Anbeek (letterkunde). Het plan van Verhagen kreeg in het kader van de Open Competitie Programmatisch Onderzoek Geesteswetenschappen 2006 van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) een subsidie toegekend van 500.000 euro voor onderzoek naar stijl in literaire en non-literaire teksten.

Samenwerking


Suzanne de Werd en Maarten van Leeuwen.
Het onderzoek vindt plaats bij de opleiding Nederlands en is uniek, omdat voor het eerst de disciplines taalkunde, taalbeheersing en letterkunde bij één onderzoek zijn betrokken. 'Deze samenwerking kan gezien worden als een vernieuwende stap in het huidige gefragmenteerde werkgebied van de neerlandistiek', zegt Verhagen. 'We willen met dit onderzoek deze, ten onrechte ondergewaardeerde, discipline in Nederland weer op de kaart zetten. In het Angelsaksische taalgebied bestaat cognitive stylistics, een bloeiende stilistische traditie, al decennia lang.'

Meetbaar
'Het grootste compliment dat een recensent een auteur kan maken, is stellen dat hij een groot stilist is', vertelt Suzanne de Werd. 'Maar als je vervolgens gaat praten over de stijl van een boek, dan verzandt het al gauw in impressionistische omschrijvingen. Het is interessant om te kijken of je die impressionistische uitspraken objectief benoembaar en meetbaar kunt maken.' En dat is precies wat zij de komende vijf jaar van plan is te gaan doen. De Werd is literatuuronderzoeker en werkt in het kader van haar promotie aan dit onderzoek.

Analysemodel


Voskuil hanteert in zijn zevendelige roman een sobere en objectiverende stijl die het misantropische wereldbeeld versterkt.
Aan de hand van zes stilistisch zeer uiteenlopende romans gaat De Werd een analysemodel ontwikkelen: 'Ik ga de aanzetten uit de Angelsaksische stilistiek toepassen op het Nederlands. Ik onderzoek hoe interpretatie en stijl van de tekst met elkaar samenhangen. Welk effect het microniveau, de gekozen formulering, heeft op het macroniveau, de betekenis, het thema, de motieven enzovoort.'

Praeteritio
De Werd werkt nauw samen met Maarten van Leeuwen, die voor het onderdeel taalbeheersing aan het onderzoek is verbonden. Hij werkt ook de komende vijf jaar aan zijn promotie. 'We focussen op elementen waarvan bekend is dat ze bijdragen aan een subjectief perspectief in een tekst', zegt hij. Een alom bekend voorbeeld is het passief. 'Maar ook de zogenoemde praeteritio is een goed voorbeeld: "Ik wil niet zeggen dat hij een . is, maar...". Door dit stijlmiddel kun je als spreker iemand negatief afschilderen of beschuldigen, zonder dat je direct verantwoordelijkheid hoeft te nemen voor die beschuldiging. Als spreker blijf je als het ware buiten schot.'

Objectief
De onderliggende idee is dat taal nooit een objectieve representatie van de werkelijkheid geeft, maar altijd een sturende functie heeft. De Werd: 'Als je alleen maar en gebruikt in plaats van toelichtende woordjes als want, dus of maar, heeft dat een specifiek registrerend effect. Voskuil doet dat in zijn roman Het Bureau. Het lijkt dan alsof iets objectief beschreven wordt, maar tegelijkertijd spreekt uit die boeken een zeer misantropisch wereldbeeld. Door de sobere en objectiverende stijl wordt dat beeld des te dwingender.'


In het onderzoek wordt ook de invloed van stijl in speeches betrokken.

 

 

 

 

 

 

 

 

Speeches
Van Leeuwen gaat speeches van politici onderzoeken en van technici uit Delft. 'Ik ga door middel van literatuuronderzoek inventariseren welke stijlmiddelen speechschrijvers tot hun beschikking hebben om een bepaald effect op te roepen. Vervolgens maak ik een corpus van speeches waarmee ik kan onderzoeken welke middelen ook daadwerkelijk gebruikt worden en ten slotte ga ik in experimenteel onderzoek testen wat het effect is van die stijlmiddelen op de luisteraars. Bijvoorbeeld door een deel van een speech in verschillende vormen te herschrijven en die voor te leggen aan proefpersonen.'

Monografie
Het bindende element tussen de literaire en taalbeheersingspoot van het onderzoek ligt in de taalkunde. Na het analyserende voorwerk van De Werd en Van Leeuwen komt in september 2009 de taalkundige postdoc Ninke Stukker bij het project. Zij zorgt ervoor dat de inzichten uit internationaal stijlonderzoek toepasbaar gemaakt worden voor het Nederlands. Ook gaan Stukker en Verhagen samen werken aan het boek dat het onderzoek in 2012 afrondt. In de afsluitende monografie Stilistiek van het Nederlands wordt een antwoord gegeven op de vraag op welke wijze met één coherent analysemodel stijlfenomenen in uiteenlopende (literaire en niet-literaire) teksten kunnen worden geanalyseerd. Verhagen: 'Dit boek zal er hopelijk toe leiden dat over vijf jaar de stilistiek niet meer weg te denken zal zijn als discipline binnen de neerlandistiek.'

(11 september 2007/SH)