'Maak jezelf zichtbaar'
|
|
Cursussen en leergangen
De laatste jaren van haar haar ruim 24-jarige carrière bij de Universiteit Leiden was Van Venetiën (62) loopbaanadviseur. In die functie viel het haar op dat jonge wetenschappers in grote lijnen met dezelfde vragen kampen: 'Ze realiseren zich vaak niet welke kennis en vaardigheden, anders dan vakkennis, ze nodig hebben om verder te komen in de wetenschap. Ze moeten zichzelf zichtbaar maken. Ze moeten hun onderzoek en zichzelf kunnen presenteren om geld voor onderzoek binnen te halen. Ze moeten weten waar en hoe ze deze gelden kunnen vinden. Ze moeten weten dat ze relevante contacten moeten aangaan, en beschikken over didactische vaardigheden. Alleen al om succesvol te kunnen solliciteren is dit allemaal nodig. En komen ze verder dan zijn bestuurs- en leidinggevende kwaliteiten van belang.' En Van Venetiën deed wat ze altijd al deed als ze zag dat een groep werknemers gemeenschappelijke vragen had: ze initieerde cursussen en leergangen - onder meer Loopbaanoriëntatie - voor jonge wetenschappers waar ze het allemaal kunnen leren. De afdeling Opleidingen organiseert ze.
Loopbaanadvisering werkt preventief
Er volgt een warm pleidooi voor de waarde van loopbaanbegeleiding. Van Venetiën: 'Er zijn zoveel mensen die een functie hebben waar ze wezensvreemde kwaliteiten moeten inzetten terwijl hun kernkwaliteiten onbenut blijven. Dat leidt tot ongelukkige, ongemotiveerde werknemers en ontevreden leidinggevenden. Dit rommelt dan te lang door en er ontstaan conflicten. Loopbaancoaching kan hier zoveel doen, ook voor leidinggevenden trouwens: onderzoeken waar iemands kwaliteiten wél liggen en welke werkzaamheden daarbij passen. Je kunt een win-winsituatie creëren waardoor de kwaliteit van de werkzaamheden omhoog gaat en de werksfeer verbetert.'
|
Emanciperen als beroep |
Van Venetiën zegt dat ze dit werk enorm inspirerend vond omdat ze mensen vaak helemaal zag opbloeien. 'En dat ik het zo lang op die plek ben blijven doen is omdat het altijd spannend was of het werk zou blijven bestaan. Bestuurders die met een bedrijfsvoeringsoog kijken zijn erg curatief ingesteld. Ze vinden het belangrijk dat het percentage ziekteverzuim omlaag gaat. Het mooie is een situatie op te lossen vóór er sprake is van ziekteverzuim. Dat preventieve werk vind ik zeker zo belangrijk als het curatieve. Voorkomen is immers beter dan genezen. Het bespaart óók heel veel geld maar je ziet het niet terug in de cijfers.'
Waardeer jonge wetenschappers
Terug naar de jonge wetenschappers. Die kunnen zelf het heft in handen nemen maar ook de wetenschappelijk begeleiders moeten hun verantwoordelijkheid nemen, vindt Van Venetiën. 'Ik zou hen willen vragen', zegt ze, 'om kritisch te kijken of ze hun coachingsvaardigheden moeten of kunnen verbeteren. Geef jonge wetenschappers waardering en laat hen dit voelen. Zo koester je talent en doe je werkelijk recht aan het huidige motto van de universiteit: Kiezen voor Talent.'
(4 september 2007/CH)




