Christiaan Huygens in de canon van Nederland


Vijfentwintig gulden biljet van J.F. Doeve uit 1955 met het portret van Christiaan Huygens.
Vorige week is Christiaan Huygens (1629-1695) als grootste Nederlandse wetenschapper uit de Gouden Eeuw opgenomen in de canon van Nederland. De opname van Huygens is de enige wijziging ten opzichte van de voorlopige versie van oktober vorig jaar in de canon die bestaat uit de top vijftig van de nationale geschiedenis. Opvallend is dat voor de opname van Huygens de boekdrukkunst het veld heeft moeten ruimen, iets wat ongetwijfeld niet gebeurd zou zijn als de uitvinding van die kunst aan Laurens Janszoon Coster toegeschreven kon worden, zoals lang gedacht werd. Volgens de website entoen.nu, de officiële site van de canon, is de boekdrukkunst nu als 'vertakking' ondergebracht bij de Statenbijbel en de Atlas Major van Blau.

Nieuwe druktechniek
In ieder geval is de boekdrukkunst door een waardige kandidaat verdrongen. Huygens heeft in 1669 zelf een drukprocedé uitgevonden dat hij aanduidt als Maniere nouvelle d'imprimer of Maniere nouvelle de graver à l'eau forte. Een dunne koperplaat wordt geprepareerd met etsgrond, waarin met een dunne naald wordt geschreven of getekend. De plaat blijft ondergedompeld in etswater totdat het zuur op de plaatsen waar de beschermende etsgrond is weggenomen volledig door het metaal is gevreten. In een volgende fase wordt inkt door het zo ontstane sjabloon heen op papier gedrukt. Dit doordrukprocedé heeft ten opzichte van diepdruk één groot voordeel: de geschreven tekst en complexe tekeningen hoeven niet in spiegelbeeld aangebracht te worden in de etsgrond.


Deze papieren lijken op het eerste gezicht reproducties afkomstig uit de jaren zestig: slechte xeroxkopieën van originele manuscripten en tekeningen. In werkelijkheid zijn het driehonderd jaar oudere druksels vervaardigd met het door Christiaan Huygens uitgevonden drukprocedé. 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Universiteit Leiden
Christiaan Huygens heeft een band met de Universiteit Leiden. Hij heeft hier van 1645 tot 1647 gestudeerd en daarna contact onderhouden met de hoogleraren Frans van Schooten en Burchard de Volder. Aan het eind van zijn leven heeft hij zijn papieren en instrumenten vermaakt aan de Universiteit Leiden. De papieren worden sindsdien beheerd door de Universiteitsbibliotheek, de instrumenten door Museum Boerhaave.

Beginsel van Huygens
Huygens is bekend als een van de beroemdste en invloedrijkste natuurwetenschappers van de zeventiende eeuw. Hij deed belangrijke ontdekkingen op het gebied van de wiskunde, natuurkunde en sterrenkunde. In de moderne natuurkunde spreekt men nog altijd van het 'beginsel van Huygens', dat de uitbreiding van het licht verklaart. Daarnaast is hij bekend door zijn ontdekking van de ring van Saturnus en van de maan Titan bij die planeet en om zijn werk op het gebied van de mechanica. Hij formuleerde als eerste de regels voor centrifugale kracht, slingers, en elastische botsingen.

Slingeruurwerk


Het slingeruurwerk van Huygens. 
Het onderzoek van Huygens was geworteld in een technologische belangstelling en uitvindersvernuft. Samen met zijn oudere broer Constantijn (1628-1697) sleep hij lenzen voor telescopen, die tot de beste van hun tijd gerekend werden. Hij maakte of stelde tal van verbeteringen voor aan bestaande apparaten. Sommige daarvan hadden een wetenschappelijk doel, zoals een micrometer voor zijn telescopen, andere waren puur op vermaak of gemak gericht, bijvoorbeeld vering voor koetsen en een toverlantaarn. Zijn beroemdste uitvinding was het slingeruurwerk, dat de nauwkeurigheid in de tijdmeting met een grote sprong vooruithielp. Deze uitvinding hing nauw samen met zijn theoretische werk.

Wetenschappelijke revolutie
Al bij zijn leven genoot Huygens internationale bekendheid. Bij de oprichting van de Académie Royale des Sciences in 1666 door de Franse koning Lodewijk XIV werd hij gevraagd om het gezelschap leiding te geven. Zodoende kon hij vele jaren een leidende rol spelen op het Europese wetenschappelijke toneel. Door zijn werk was hij een van de pioniers van wat wel de wetenschappelijke revolutie wordt genoemd. De moderne wetenschap is in niet onaanzienlijke mate gevestigd door de onderzoekers van de zeventiende eeuw, onder wie Huygens een ereplaats inneemt.

Het afgelopen voorjaar is een driejarig conserveringsproject afgesloten voor de Huygenscollectie, waarvoor de Stichting Academisch Erfgoed (via de Mondriaanstichting) geld beschikbaar heeft gesteld. Verder is er een collectiebeschrijving van de Huygenspapieren gepubliceerd op de website van de Universiteitsbibliotheek.

Links

(10 juli 2007/SH)