Faculteit der Godsdienstwetenschappen
![]() 'We zijn de laatste jaren inhoudelijk veel breder geworden.' |
De Engelse naam wordt Religious studies. Wat is het verschil tussen godgeleerdheid en godsdienstwetenschappen? Decaan Wim Drees: 'Godgeleerdheid betekent letterlijk: geleerdheid over God. Godsdienstwetenschappen betekent: wetenschappen over godsdienst. Dat gaat dus over het menselijke verschijnsel godsdienst. Dat is meer bescheiden. Al sinds de negentiende eeuw wordt dat hier in Leiden bestudeerd. Voor die tijd was de faculteit ook écht een theologische faculteit, waar men vanuit een geopenbaarde goddelijke waarheid, een vooronderstelde theologie, doceerde. Maar sinds in 1876 de nieuwe wet op het hoger onderwijs inging, maakte men een scheiding tussen de rol van de (openbare) faculteit en die van de kerkelijke opleiding. Dat is het principe van de duplex ordo. Dat houdt in dat de bestudering van de godsdienst wat de universiteit betreft los staat van de voorbereiding op een eventueel kerkelijk ambt. De studie valt onder verantwoordelijkheid van de openbare universiteit c.q. de staat, de voorbereiding op het ambt is een zaak van de kerken of een door een kerk daartoe ingerichte opleiding. We kunnen goed samenwerken met kerkelijke opleidingen, juist ook doordat wij ons beperken tot godsdienstwetenschappelijke benaderingen.'
Kennisdoel
De Leidse Faculteit der Godsdienstwetenschappen kiest nadrukkelijk voor bestuderen van religie vanuit een wetenschappelijk, onpartijdig perspectief. Het meervoud 'godsdienstwetenschappen' benadrukt het methodisch pluralistische karakter van onderwijs en onderzoek, met sociaal-wetenschappelijke, historische, literaire, en wijsgerige methoden. Andere, meer levensbeschouwelijk georiënteerde faculteiten, zoals die van de Vrije Universiteit in Amsterdam of de Faculteit voor Katholieke Theologie van de Universiteit van Tilburg, kunnen bij de studie van de godsdienst ook bepaald worden door religieuze agenda's of kerkelijke belangen. Het confessionele perspectief kan in bijzondere universiteiten ook een rol spelen bij benoemingen. Drees: 'Het is van waarde, ook in de samenwerking met religieuze organisaties, helder te zijn, en openlijk te erkennen niet de 'normatieve' theologische discipline te beoefenen; als godsdienstwetenschappen zijn we complementair in de samenwerking met opleidingen voor een religieus ambt. Wij hebben uitsluitend een kennisdoel. Het is goed als dat ook in de naam van onze faculteit tot uitdrukking komt.'
Praktische reden
Waarom is de naam van de faculteit niet al in de negentiende eeuw aangepast? Drees: 'Dat is in het parlementaire debat toen ook ter sprake geweest, maar er waren toen mensen die de scheiding van de kerkelijke opleiding en de staatsfaculteit op zich al pijnlijk genoeg vonden. Bij wijze van concessie is toen de term 'godgeleerdheid' gebleven. Het karakter van de faculteit bleef toen overigens wel erg op het christendom gericht, al was er wel enige aandacht voor andere godsdiensten. Sinds een paar jaar is er ook een praktische reden om de naam te veranderen: we zijn inhoudelijk veel breder geworden. Vanaf 1999 is de opleiding Wereldgodsdiensten erbij gekomen en sinds 2006 bieden we ook een opleiding Islamitische theologie aan. Vanaf begin deze maand is er een hoogleraar boeddhisme benoemd en we zijn bezig met de werving van een hoogleraar islam en een hoogleraar jodendom. Nu we ook andere godsdiensten hier uitgebreid bestuderen is de term 'godgeleerdheid' echt niet meer van toepassing.'
Godsdienst in de breedte
Godsdienst is weer 'hot' de laatste jaren. Wat merkt de faculteit daarvan? Drees: 'De studenteninstroom stijgt de laatste jaren weer. Godsdienst maakt weer deel uit van het maatschappelijk debat. Vooral sinds 11 september 2001 is de vraag naar de betekenis van de islam, en in het verlengde daarvan de vraag naar de betekenis van andere godsdiensten, veel belangrijker geworden. Het islamitisch terrorisme heeft ook geleid tot veel meer aandacht voor gematigde stromingen in de islam. Wij hebben de laatste jaren onze opleidingen en onderzoeksthema's verbreed, zodat we het verschijnsel godsdienst in zijn volledige maatschappelijke breedte kunnen bestuderen.'
Opleiding Godgeleerdheid blijft zo heten
De naamswijziging is in de faculteit besproken. De meerderheid was duidelijk voor. Een kleine groep aarzelde. Men vond het jammer de goede merknaam 'Faculteit der Godgeleerdheid' op te geven en wilde liever niet breken met een traditie van ruim vier eeuwen. Godgeleerdheid heet al zo sinds de oprichting van de Universiteit Leiden in 1575. De faculteit gaat anders heten, de naam blijft bestaan als naam van de bacheloropleiding Godgeleerdheid.
(10 juli 2007/DH)

