Rechten maakt werk van kleinschaligheid


Het nieuwe mentoraat biedt tegenwicht aan de massaliteit die rechten door de vele eerstejaars ook heeft.
De rechtenfaculteit begint in september met een nieuw mentoraat: groepen van ongeveer 25 eerstejaarsstudenten krijgen elk een hoogleraar of universitair hoofddocent als mentor. Dit moet tegenwicht bieden aan de massaliteit van de honderden eerstejaars. Het is een van de plannen van prof. Carel Stolker nu hij nog een keer bijtekent als decaan. De faculteitsraad moet er vrijdag over beslissen.

Greep krijgen
Het nieuwe mentoraat (de Leiden Law Practices) is de Leidse vorm van kleinschaligheid en een persoonlijke benadering van studenten. Het is het antwoord op de hoge uitval onder de eerstejaarsrechtenstudenten. Landelijk is het beeld dat een kwart tot een derde van de eerstejaars rechten afhaakt. Door het relatief strenge regime van het bindend studieadvies raakt Leiden een groot aantal studenten kwijt. Daar wil Stolker, net terug uit Oxford waar ze van kleinschaligheid een een handelsmerk hebben gemaakt, zich niet bij neerleggen. 'Ik kan en ik wil niet geloven dat al die studenten echt niet geschikt zijn! Natuurlijk is er een groep die zich vergist, voor wie rechten niet de juiste studie is. Maar met die anderen is iets aan de hand. Ze beginnen te laat met studeren, laten zich misleiden door de vele tentamenkansen of doen teveel naast hun studie. Op die groep willen we greep krijgen. We willen dat ze in de eerste plaats naar Leiden komen om réchten te studeren.'

Uit het lood
'Ik vind dat wij hier een prachtig verenigingsleven hebben. Ik ben er zelf ook actief in geweest. Alleen zijn bij sommige studenten de verhoudingen in de driehoek studeren, nevenactiviteiten en werken wat uit het lood geslagen. Oud-voorzitter AW Kist van het College van Bestuur zei het al: sommige studenten studeren bij hun baan. Vorige week heb ik de praeses van de grote verenigingen hier gehad om met hen te bespreken wat wij willen, wat zij willen en hoe we dat op één lijn kunnen krijgen. Het gesprek was erg inspirerend. Zij vertelden dat onder de actieve studenten de rechten- en de medicijnenstudenten sterk vertegenwoordigd


Prof. Carel Stolker 'We moeten af van het beeld van de ondraaglijke lichtheid van de rechtenstudie.'
zijn. Terwijl bekend is dat de medicijnenstudie relatief zwaar is. Toch hebben ook die studenten tijd om actief te zijn zonder dat dat ten koste gaat van hun studie. We moeten af van het beeld van 'de ondraaglijke lichtheid van de rechtenstudie', om de Utrechtse rechtssocioloog Bruinsma te citeren.'

Gekend zijn
In de voorstellen voor het nieuwe mentoraat, ontwikkeld door onderwijsdirecteur Erwin Muller met een breed samengestelde projectgroep, krijgen de eerstejaarsstudenten meer begeleiding op het gebied van studie- en andere vaardigheden. Elke hoogleraar of uhd die een groep begeleidt, krijgt ondersteuning van een student. Beurtelings zullen ze de mentorgroep begeleiden, de hoogleraar/uhd vanuit zijn positie, de student vanuit de zijne. Elementen die onder meer aan bod komen zijn het bibliotheekgebruik, het pleiten, en het uitwisselen van studie-ervaringen, onderling en met de student-assistent. De hoogleraar/uhd heeft ook echt de rol van mentor: de student moet er ook terecht kunnen met vragen en problemen. 'Een student moet weten dat er in elk geval iemand van de docenten is die weet wie hij is', zegt Stolker zonder ironie. Hij gaat zelf ook een groep begeleiden.


De sfeervolle unilocatie heeft de faculteit nieuw elan gebracht.
Het mentoraatsmes snijdt aan twee kanten want het College van Bestuur wil ook naar meer contacturen. Vrijdag 13 juli bespreekt het faculteitsbestuur de plannen met de Faculteitsraad.  We hopen op vertrouwen van studenten en docenten dat het gaat werken', aldus Stolker.

Lorentz Centre
Een tweede vernieuwing die Stolker wil realiseren is de internationalisering van het onderzoek. Hij kijkt daarbij naar het Lorentz Centre, dat is het internationale wetenschappelijke ontmoetingscentrum van de Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen. Het is er een komen en gaan van buitenlandse wetenschappers - van seniorwetenschappers tot PhD-ers die er een van de vele seminars bezoeken of voor enkele maanden onderzoek doen aan de faculteit. Het Lorentz Centre biedt de gasten een bureau, een pc en een universitair account. Stolker: 'Zoiets willen wij ook met het Meijers Instituut, ons onderzoeksinstituut onder leiding van onderzoeksdirecteur Wim Voermans. Het is absoluut onze wens om een van de meest internationale faculteiten van Europa te worden', zegt Stolker. Volgens hem is het Meijers Instituut al goed op weg. 'Er komen nu al veel promovendi en postdocs voor kortere of langere tijd naartoe om onderzoek te doen. Ze hoeven nergens zelf achteraan, alles is geregeld als ze aankomen, ook de wetenschappelijke omgeving. Ons SARFaL-netwerk is daarin erg behulpzaam.'

Steviger banden met Campus Den Haag
De faculteit haalt ook de banden met de Campus den Haag aan. Een tijd bestond de indruk dat de liefde vooral van één kant kwam, namelijk de Haagse. Stolker: 'Het klopt dat we hier zoveel aan ons hoofd hadden dat we soms dachten: o ja, we hebben ook nog de campus. Maar die tijd is echt voorbij. We hebben net besloten tot een fusie van de afdeling Internationaal publiekrecht met het Grotius Centre van de Campus. Collega Nico Schrijver wordt van dat éne Grotius Centre de wetenschappelijk directeur.'

De rechtenfaculteit en de Campus Den Haag hebben ook afspraken gemaakt over de locaties waar het onderwijs wordt gegeven. Al het voltijdse onderwijs blijft in Leiden, behalve het Internationaal publiekrecht. Dat wordt voor de helft in Leiden gegeven en voor de helft in Den Haag, vanwege de nabijheid van de instellingen op het gebied van internationaal recht, zoals het Vredespaleis. De deeltijdbacheloropleidingen gaan helemaal naar Leiden, de deeltijdmasters helemaal naar Den Haag.


Het Vredespaleis.

Alumni
Onverbrekelijk verbonden met de internationalisering zijn de buitenlandse alumni die hier een LL.M. of een Advanced LL.M. hebben gevolgd. Dat zijn er komend jaar ongeveer 150.  Stolker: 'Eigenlijk moet de internationale marketing via hen verlopen. Wíj kunnen wel vertellen dat we mooie opleidingen hebben, maar ik heb liever dat de alumni dat doen. In samenwerking met het LUF zijn we per LL.M. een virtuele community  aan het inrichten. Zo kunnen de alumni onderling contact houden én kan het contact met Leiden in stand blijven.'

Ook met de overige alumni wil Stolker intensiever contact. 'We hebben ons nog maar net gerealiseerd dat studenten die het laten bij een bacheloropleiding en masterstudenten van elders na hun afstuderen net zo goed alumni zijn.'

Extra punten in het talentprogramma
Een andere vernieuwing is dat studenten in hun reguliere master 40 studiepunten extra-curriculair aan onderzoeksvaardigheden kunnen besteden. 'We hebben de indruk dat dat voor rechtenstudenten aantrekkelijker is dan een aparte onderzoeksmaster', aldus Stolker. De mogelijkheid wordt alleen aan de meest gemotiveerde studenten geboden. 'Ja, 40 studiepunten extra is inderdaad heel veel bovenop een jaar van 60 punten maar je moet niet vergeten dat we hier dubbelstudenten hebben die twee volledige studies naast elkaar doen. Over dat type student hebben we het.'

Geen rustig bezit


Stolker:' Over drie jaar moet blijken of ik nog het geduld heb om weer vaak voor studenten te staan.'
Tot slot, is de nieuwe termijn voor het decanaat een felicitatie waard? Stolker: 'Toen ik voor de eerste keer decaan werd vroeg collega Martijn Polak ook of hij me moest feliciteren of condoleren. Ik zei toen: Feliciteer me maar want ik vind het echt een eer om decaan van deze faculteit te zijn. Dat gevoel is er nog steeds. Het is nu wel een licht existentiële afweging geweest. Ik heb me tijdens het decanaat vaak voorgenomen om onderwijs te geven en onderzoek te doen, maar het is er door tijdgebrek steeds niet van gekomen. Nu moest ik zeggen waar mijn passie lag, bij het hoogleraarschap of bij het bestuur. De conclusie was dat het bestuur mij op dit moment meer aantrekt. Ik had kunnen vertrekken want er breekt nu een nieuwe fase aan maar ik vind het nog te leuk. Een faculteit is geen rustig bezit. Die tijd is voorbij. Er kan nog van alles beter en over drie jaar ziet de faculteit er dus weer heel anders uit dan nu. Daarna keer ik terug de faculteit in en moet blijken of ik nog het zitvlees heb om het onderzoek weer op te pakken en genoeg geduld om weer vaak voor studenten te staan.'

(10 juli 2007/CH)