Rechtenonderzoek scoort 4,5 op een schaal van 5

 Wim Voermans
Onderzoeksportefeuillehouder Wim Voermans: 'We zijn sterk, ook doordat we breed zijn.'

Het Leids juridisch en criminologisch onderzoek is van goede kwaliteit en de programma's zitten boordevol uitdaging, oordeelde visitatiecommissie-Vanistendael. Onderzoeksportefeuillehouder Wim Voermans: 'Dit oordeel is zelfs nog iets mooier dan we gehoopt hadden. We zijn sterk ook doordat we breed zijn.'

Bruisende onderzoeksomgeving
Prof.dr. Wim Voermans, de directeur van het E.M. Meijers Instituut waarin de Leidse rechtenfaculteit haar onderzoek heeft ondergebracht, is bijzonder ingenomen met het gunstige beeld dat de visitatiecommissie geeft van het Leidse rechtenonderzoek. Voermans: 'In 2000 is onze faculteit ook gevisiteerd. Die visitatie had betrekking op de periode 1995-2000 en de resultaten daarvan zijn in 2002 bekendgemaakt. Het oordeel van de commissie-Ten Kate, die toen de visitatie uitvoerde, viel ons wat tegen, vooral ook omdat onze onderzoeksambities verder reikten. De kritiek gold vooral de nog niet altijd aanwezige samenhang van de onderzoeksprogramma's. Dat is niet zo verwonderlijk, want de faculteit is pas in 1996 begonnen het onderzoek in programma's te organiseren. Daarvoor overheerste bij onze faculteit het individuele onderzoek. Nu, ruim tien jaar later, is die programmatische samenhang er wel. Sterker nog: we hebben het gevoel te werken in een bruisende onderzoeksomgeving. Maar vindt de buitenwereld dat ook? Er was ons veel aan gelegen om deze overtuiging nu ook te laten toetsen door een stevige externe commissie. Het fiscale en het criminologische onderzoek zijn voor het eerst gevisiteerd.'

Goed tot excellent
Het juridisch onderzoek aan het E.M. Meijers Instituut werd door de commissie met gemiddeld een 4,5 op een schaal van 5 gewaardeerd. Het Meijers Instituut kent zes onderzoeksprogramma's:

  • Geschillenbeslechting
  • Grenzen van fiscale soevereiniteit
  • Securing the Rule of Law in a World of multilevel Jurisdiction
  • Sociale cohesie en de rol van het recht
  • Veiligheid en recht
  • Vraagstukken van vermogensrecht

Wat maakt het onderzoek zo goed? Voermans vertelt dat de commissie niet alleen de programmatische samenhang, de kwaliteit en de productiviteit waardeerde, maar het ook sterk vond dat actuele maatschappelijke vragen centraal staan in alle zes de onderzoeksprogramma's. De faculteit is bij het opstellen van die programma's uitgegaan van de expertise die ze in huis had, en heeft die gebundeld in zes onderzoeksprogramma's met hele actuele en relevante onderzoeksvragen. Voorts ligt de kwaliteit van het Leidse juridisch en criminologisch onderzoek niet alleen in de kwaliteit van de individuele onderzoekers, maar ook in de breedheid van de aanwezige expertise, waardoor complexe onderzoeksvragen vanuit verschillende invalshoeken en disciplines bestudeerd kunnen worden. Deze breedheid in het onderzoek heeft ook een positief effect op de kwaliteit van het juridisch onderwijs. Ook was de commissie zeer positief over de wijze waarop het Meijers Instituut functioneert en geleid wordt.

Securing the Rule of Law
Het programma 'Securing the Rule of Law in a World of multilevel Jurisdiction' werd in zijn geheel als excellent beoordeeld en scoorde een 5. Het uitgangspunt bij het MLJ-programma is dat in de wereld van vandaag het nationale recht van afzonderlijke landen niet meer volstaat. Door maatschappelijke en technologische veranderingen ontstaan juridische vraagstukken die alleen met een rechtsvorming die het niveau van de nationale staten overstijgt, opgelost kunnen worden. Dat geldt voor verschillende terreinen van het recht: het volkenrecht, het internationaal economisch verkeer, de relatie tussen de individuele staten en de Europese Unie en de fundamentele rechten en vrijheden van de mens. Voermans legt uit: 'De laatste jaren wordt op allerlei internationale podia recht gevormd. Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg ontwikkelt de grondrechten voor de inwoners van 47 lidstaten, maar ook binnen de Europese Unie wordt veel recht gemaakt. Tegen dat vele nieuwe supranationale recht ontstaat soms ook verzet. De vraag die dan beantwoord moet worden is: wat is het antwoord van het recht op deze ontwikkelingen? Je kunt niet zomaar een nieuwe wet maken. Nationale en internationale rechtsregels en rechtsbeginselen stellen kaders voor en grenzen aan de mogelijkheid internationaal recht te vormen. En die kaders en grenzen, op hun beurt, zijn ook weer vaak in ontwikkeling, bijvoorbeeld door politieke discussies zoals je die bij ons rondom de Europese 'Grondwet' aantreft. Het onderzoeken van deze ontwikkelingen en het vinden van antwoorden op deze vragen is een enorme uitdaging waar we nog jaren aan kunnen werken. Dit programma vraagt een grote breedte in de expertise, en daarvan hebben we gelukkig veel in eigen huis. Er zijn zo'n veertig onderzoekers betrokken bij dit onderzoeksprogramma.'

Talentprogramma
Gaat de faculteit, nu het onderzoek zo goed beoordeeld is, ook een onderzoeksmaster aanvragen? 'Dat weten we nog niet', antwoordt Voermans. 'Misschien willen we uiteindelijk wel geen volledige onderzoeksmaster. We hebben net een een nieuw extra-curriculair Talentprogramma gelanceerd en we hebben het idee - mede op basis van ervaringen met juridische onderzoeksmasters elders - dat dat voor studenten met een onderzoeksbelangstelling aantrekkelijker is dan een volledige tweejarige onderzoeksmaster. In dit Talentprogramma van 40 studiepunten (stp) kunnen studenten naast hun reguliere master van 60 stp onderzoeksvaardigheden opdoen. En dat blijkt een heel populaire optie. Het programma gaat komende september van start en we hebben nu al meer aanmeldingen dan we aankunnen. We hebben tot dusver twaalf kandidaten geselecteerd die allemaal zeer getalenteerd zijn. We hebben net de gesprekken met hen gevoerd en ik was werkelijk onder de indruk van wat deze studenten kunnen. Ze zijn bovendien heel enthousiast en ambitieus. Zij hoeven met dit programma niet te kiezen tussen een inhoudelijke specialisatie of een onderzoeksmaster, ze doen het gewoon allebei. Zo houden ze alle mogelijkheden voor de toekomst open. Als ze dan daarna een proefschrift willen schrijven - en veel van deze kandidaten willen dat - dan kan dat.


De commissie-Vanistendael

Internationale commissie
De visitatie vond plaats op verzoek van het College van Bestuur (CvB) van de Universiteit Leiden. De laatste visitatie uit 2000 was een gezamenlijke, landelijke visitatie, waar alle Nederlandse juridische faculteiten aan meededen. Dat systeem had en heeft belangrijke nadelen, vonden eigenlijk alle juridische faculteiten. Te grillig, te weinig vooruit kijkend, te weinig internationaal en te tijdrovend. Vandaar dat er in 2003 gekozen werd voor een nieuw systeem, waarmee Leiden nu met het juridisch onderzoek het spits afbijt. Als de faculteit een visitatie wil, is het aan het CvB om het initiatief daarvoor te nemen. Het CvB vraagt dan aan het landelijk overleg van de decanen van de desbetreffende faculteiten een visitatiecommissie te accorderen. De samenstelling van zo'n commissie is geen eenvoudige taak, zeker niet voor rechtsgeleerdheid, legt Voermans uit. 'Je wilt graag dat een stevige internationale commissie je de maat neemt. We wilden dus mensen met een uitstekende reputatie in het juridisch en criminologisch onderzoek. Daar is het college uitstekend in geslaagd. We zijn heel tevreden over de statuur van deze commissie, het waren allemaal zwaargewichten. Een gelukkig toeval was ook dat er relatief veel Vlamingen in de commissie zaten. Die hebben voldoende distantie, maar kennen wel het Nederlandse onderzoek en onderzoeksklimaat goed.'

Link
Visitatierapport (pdf)

(19 juni 2007/DH)