Dr. J.H. van Driel is benoemd tot hoogleraar Didactiek van de natuurwetenschappen
 Dr. J. (Jan) van Driel |
Dr. J.H. (Jan) van Driel is per 1 december 2006 bij de Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen benoemd tot hoogleraar in de didactiek van de natuurwetenschappen. Hij is in dienst van het ICLON (Interfacultair Centrum voor Lerarenopleiding, Onderwijsontwikkeling en Nascholing).
Scheikunde
Van Driel (1959) studeerde scheikunde in Utrecht. Na zijn afstuderen in 1984 werd hij leraar scheikunde aan het St. Ignatius College in Purmerend. In 1985 begon hij aan zijn proefschrift op het gebied van de chemie-didactiek: Involved in Equilibrium. An educational study into developing a chemical equilibrium concept. Hierop promoveerde hij in 1990 aan de Universiteit Utrecht.
Onderwijsonderzoeker
In datzelfde jaar ging Van Driel werken bij de TU Delft. Daar was hij tot 1995 werkzaam als onderzoeker en onderwijskundige. Vervolgens kwam hij naar Leiden om in de functie van universitair docent bij het ICLON aan de slag te gaan als onderwijskundig onderzoeker en docent aan de lerarenopleiding. Zijn onderzoek maakt sindsdien deel uit van het ICLON-onderzoeksprogramma The knowledge base of teaching. In dit programma verricht Van Driel voornamelijk onderzoek naar kennis en kennisontwikkeling van bèta-docenten. 1999 werd hij universitair hoofddocent.
Niche
Terwijl in het bèta-didactisch onderzoek elders in Nederland de focus is gericht op begripsontwikkeling bij leerlingen, curriculumontwikkeling en het gebruik van ICT in het onderwijs, richt Van Driel zich vooral op de kennis en het leerproces van bèta-docenten. Belangrijke aandachtspunten hierbij zijn de (vakdidactische) kennis en opvattingen van docenten over de eigen onderwijspraktijk en de wijze waarop deze zich ontwikkelen in de context van lerarenopleiding of onderwijsverniewing. Hoewel de rol van docenten in het kader van onderwijskwaliteit cruciaal is, is deze belangrijke bron van didactische inzichten meestal niet of nauwelijks gedocumenteerd; Van Driel heeft hiermee een eigen niche maar de (internationale) belangstelling voor deze invalshoek groeit.
Output en netwerk
Van Driel publiceerde sinds 1997 ongeveer vijftig extern beoordeelde wetenschappelijke artikelen en boekhoofdstukken op het gebied van de didactiek van het bèta-onderwijs en over kennis en opvattingen van docenten in het algemeen. Verder schreef Van Driel een handboek over onderzoek naar scheikundeonderwijs, samen met enkele andere prominente onderzoekers op dit gebied. Hij maakt deel uit van de rerdactie van enkele wetenschappelijke tijdschriften en treedt veelvuldig op als spreker op internationale congressen. Van Driel is in de onderzoeksschool Interuniversitair Centrum voor Onderwijsonderzoek (ICO) een van de coördinatoren van het thema Teaching and Teacher Education, een thema dat goed aansluit bij zijn onderzoek. Bovendien is hij sinds 2001 secretaris van de landelijke Vereniging voor Onderwijsresearch (VOR).
Van Driel begeleidt verschillende promovendi (waarvan een in Zweden). Twee van deze promovendi verrichten onderzoek naar de ontwikkeling van het onderwijsconcept Studeren in een onderzoeksomgeving (Resarch-oriented Education) in de Leidse universiteit.
Bij de invulling van de leerstoel gaat Van Driel samenwerken met het regionale netwerk van vo-scholen dat het ICLON heeft opgebouwd.
(9 januari 2007/CH)
