Oratie prof.dr. H. van Steeg


Prof.dr. H. (Harry) van Steeg
Titel: Kankerrisico's: kunnen we nog iets leren van de muis?

Vrijdag 10 november, 16.15 uur
Poortgebouw, Rijnsburgerweg 10

Prof.dr. H. (Harry) van Steeg (1952) is per 1 april 2005 benoemd tot bijzonder hoogleraar in de Faculteit der Geneeskunde op het gebied van de genetica van chemische carcinogenese.

Biochemie
Harry van Steeg is op 15 september 1952 in Huizen geboren. In 1971 behaalde hij het hbs-b diploma aan het Comenius College in Hilversum. Aansluitend begon hij met de studie scheikunde aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. In 1974 behaalde hij het kandidaatsdiploma, in september 1977 gevolgd door het doctoraaldiploma (hoofdvak biochemie, bijvakken klinische chemie en elektronica).

Downregulatie van de gastheereiwitsynthese
In november 1982 promoveerde Van Steeg aan de Universiteit Utrecht bij prof.dr. H.O. Voorma. In zijn promotieonderzoek richtte hij zich op het ontrafelen van het moleculaire mechanisme van downregulatie van de gastheereiwitsynthese door alphavirussen. Hij was de eerste die postuleerde dat eukaryote ribosomen tot interne initiatie van eiwitsynthese in staat zijn, nu beter bekend als het IRES mechanisme.

Xpa-model
Na zijn promotie heeft Van Steeg drieënhalf jaar als postdoc gewerkt bij het Laboratorium voor Moleculaire Biologie van de Universiteit van Amsterdam, in de groep van prof.dr. L. Grivell. Het onderwerp van onderzoek was het proces van eiwittransport (topogenese) in bakkersgist. In 1986 begon Van Steeg een eigen onderzoeksgroep binnen het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Aanvankelijk bestudeerde hij de rol van ornithine decarboxylase in het proces van tumorpromotie in de rat. In het begin van de jaren negentig ontwikkelde de groep van Van Steeg als eerste een levensvatbaar DNA-herstel-defecte knock-out-muis, het zogenoemde Xpa-model.

Internationale grants
De bruikbaarheid van dit Xpa-model werd in internationaal verband gevalideerd, samen met een drietal andere genetisch gemodificeerde muizenstammen die werden ontwikkeld in de Verenigde Staten en Japan. Dit onderzoek is uiterst succesvol verlopen en heeeft geleid tot vele publicaties en talloze internationale grants, waaronder enkele van het National Institutes of Health (NIH).

Verouderingsproces
Naast zijn blijvende interesse in processen betrokken bij chemische carcinogenese startte Van Steeg eind jaren negentig ook onderzoek gericht op het bestuderen van de rol van (defecte) DNA-herstelsystemen in het verouderingsproces. Deze studies worden uitgevoerd in nauwe samenwerking met erkende wetenschappers op het gebied van DNA-herstelmechanismen (prof.dr. J. Hoeijmakers, Erasmus Universiteit, Rotterdam), gerontologie (prof.dr. J. Vijg, Buck Institute, Novato, CA, Verenigde Staten) en cellulaire senescence (prof.dr. J. Campisi, Lawrence Berkeley Laboratories, Berkeley, CA, Verenigde Staten).

 

(7 november 2006/SH)