Extra promotieplaatsen voor talentvolle studenten

Tien talentvolle studenten van de Universiteit Leiden kunnen een promotievoorstel ter financiering indienen bij NWO. Via het programma Toptalent van NWO moet meer onderzoekstalent tot ontplooiing komen. De in totaal 42 plaatsen worden in onderlinge concurrentie tussen de studenten van alle universiteiten vergeven.

Jong en creatief
In september 2005 verscheen bij het ministerie van Onderwijs de notitie Onderzoekstalent op waarde geschat. Daarin staan ideeën van het ministerie om het promoveren aantrekkelijker te maken. Een van deze ideeën is door de Vereniging van Samenwerkende Nederlandse Universiteiten (VSNU) en de Nederlandse Organisatie van Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) uitgewerkt, en wordt nu door NWO uitgevoerd: via het programma Toptalent krijgt jong, creatief onderzoekstalent de ruimte om op grond van een eigen onderzoeksvoorstel een proefschrift te schrijven. Succesvolle kandidaten kunnen direct na afstuderen aan hun promotietraject beginnen.

16 miljoen
Het ministerie stelt voor Toptalent 16 miljoen euro ter beschikking voor de periode 2007-2010. Er vinden twee subsidierondes plaats. De eerste 42 toekenningen – met een totale omvang van circa € 7,6 miljoen - vinden plaats in 2007, de tweede ronde staat gepland voor 2008. Elke universiteit kan een, naar rato van de omvang van de studentenpopulatie vastgesteld, aantal kandidaten voordragen. Voor de Universiteit Leiden zijn dat er tien.

Het is echter niet gezegd dat een universiteit, na de eindselectie door NWO, net zoveel plaatsen krijgt toegewezen als er kandidaten kunnen worden voorgedragen: de 130 kandidaten uit heel Nederland concurreren onderling met elkaar om de 42 plaatsen.

Klinkende cijfers
Als Leidse kandidaten kunnen Nederlandse én buitenlandse master- of doctoraalstudenten worden voorgedragen, die aan de Universiteit Leiden staan ingeschreven en vóór 1 oktober 2007 afstuderen. Ze moeten een klinkende cijferlijst kunnen laten zien en bij voorkeur cum laude afstuderen. Ook dienen ze een eigen idee te hebben voor een promotieonderzoek. Nevenactiviteiten, bijvoorbeeld bestuursfuncties, strekken tot aanbeveling.

Persoonlijke kwaliteit
Faculteiten maken een voorselectie van geschikte kandidaten, waarna een kleine universitaire commissie die overzicht heeft over verschillende wetenschapsgebieden, het College van Bestuur adviseert over de eindselectie van de tien Leidse kandidaten. De voordrachten moeten bestaan uit een beknopt onderzoeksplan, een CV, een aanbevelingsbrief van de beoogd promotor en een cijferlijst. Ze moeten 16 december bij NWO zijn ingediend.

De selectie door NWO gebeurt primair op grond van de persoonlijke kwaliteit van de kandidaten. De aanbevelingsbrieven en de CV’s zijn hierbij doorslaggevende factoren. Pas in tweede instantie wordt gekeken naar de kwaliteit van de onderzoeksvoorstellen. De beste kandidaten worden uitgenodigd voor een gesprek.

Links

Foto’s: Leidse proefschriften

(3 oktober 2006/CH)