Prof.dr. Helias Udo de Haes benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau

De Leidse loco-burgemeester Gerda van den Berg spelt Udo de Haes de versier-selen op.
Prof.dr. Helias Udo de Haes is op 8 september 2006 na zijn afscheids-college benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau. Loco-burgemeester van Leiden Gerda van den Berg speldde Udo de Haes de versierselen op. 'Officier' is de derde trap in de onderscheidingen in de Orde van Oranje-Nassau en komt boven 'Ridder'.

Twee lijnen
Van den Berg lichtte de benoeming toe door te refereren aan Udo de Haes' loopbaan, die volgens haar twee lijnen kent: 'Enerzijds was u de gedreven actievoerder in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw en anderzijds bent u een vooraanstaand hoogleraar. U heeft kans gezien bruggen te slaan tussen deze beide werelden. Vanuit uw grote maatschappelijke betrokkenheid heeft u wetenschappelijk onderzoek op maatschappelijk relevante thema's op gang gebracht.'

Samenwerking met het bedrijfsleven
En: 'U heeft kans gezien een overgang te maken van ethologie naar milieu en natuur. En van actievoeren naar wetenschap. U heeft het werkgebied van milieubiologie verbreed naar milieu en ontwikkeling en vandaar naar industriële ecologie. U heeft het werkgebied ook verbreed van nationaal naar internationaal. En van zuiver universitair onderzoek naar samenwerking met het bedrijfsleven.
U heeft vele promovendi begeleid en bent voorzitter van de onderzoeksschool SENSE.'

Jeugdbond voor natuurstudie
Verder noemde Van den Berg de vele internationale functies die Udo de Haes bekleedt en bekleedde en het feit dat hij zich gedurende zijn hele leven maat-chappelijk heeft ingespannen, te beginnen op zijn 13e toen hij actief werd in de afdeling Bilthoven van de Jeugdbond voor Natuurstudie.

Udo de Haes met zijn echtgenote.
Uitstijgen boven de functie
Personen die de onderscheiding in de Orde van Oranje-Nassau hebben volgens het officiële reglement 'bijzondere verdiensten jegens de samenleving, zich geruime tijd ten bate van de samenleving ingespan-nen en anderen gestimuleerd, en werkzaamheden verricht die voor de samenleving  een bijzondere waarde hebben. In de toelichting staat dat beroepsuitoefenaren die de onder-scheiding krijgen veel meer gedaan moeten hebben dan strikt van hen werd gevraagd. Ze moeten als het ware boven hun functie uitgestegen zijn.

(12 september 2006/CH)