Record aantal diploma's Honours Programme

Het College van Bestuur ziet het Honours Programme als hét middel om goede en gemotiveerde studenten iets extra's te bieden. Daarom werd het aantal Honours Classes dit jaar flink uitgebreid en het einde is nog niet in zicht. Een Honours Class is een serie van in principe twaalf colleges waarin studenten kennis kunnen maken met twaalf wetenschappelijke grootheden op een bepaald vakgebied. Een student kan voor elke Honours Class opteren dus  ook een class buiten het eigen vakgebied volgen.

Vrijdag 23 juni werd het record aantal van 146 diploma's uitgereikt aan studenten die deelnamen aan een Honours class, een extra collegeserie voor goede en gemoti-veerde studenten. Moet er meer gevraagd worden van de studenten? Wim van den
Doel vindt van wel.

Cortège
Het was een formele plechtigheid op 23 juni: terwijl het orgel speelde trad een cortège binnen met onder meer de vice-rector magnificus, Wim van den Doel en Louise Fresco, voorafgegaan door de pedel. De voertaal was Engels.
Feitelijk was sprake van twee plechtigheden want de groep was zo groot dat het Groot Auditorium te klein was. Vandaar dat er twee gelijke uitreikingen waren georganiseerd, één om 10.00 uur en een om 12.30 uur.

Verspilling van talent
Wim van den Doel is hoogleraar bij geschiedenis, de opleiding die in 1994 de eerste Honours Class in Leiden organiseerde. Hij ging in zijn lezing terug in de geschiedenis, naar de 'uitvinder' van de Honours Class. Dat was Frank Aydelotte, voorzitter van het kleine Swarthmore College in de Verenigde Staten, en later directeur van het Institute of Advanced Study van Princeton University. Aydelotte was van mening dat het opleiden van alle studenten tot een gemiddelde standaard gelijk stond aan ernstige verspilling van talent. Want zo deed je de excellente studenten tekort. Vandaar dat hij begon met seminars in de laatste twee jaar van de bacheloropleiding 'to give to those students who are really interested in the intellectual life harder and more independent work than could profitably be given to those whose devotion to matters of the intellect is less keen(.)'. Aydelotte begon in 1923 een Honours Class voor elf studenten, in jaren dertig waren het er over de honderd.

Het idee van de Honours Classes begon ook elders in de Verenigde Staten aan te slaan, eerst bij de kleinere, elitaire colleges, later ook bij de grotere universiteiten; hoe massaler het hoger onderwijs werd, hoe groter ook de behoefte aan onderscheidend onderwijs voor de beste studenten. Althans in de Verenigde Staten.

Meritocratie
Van den Doel vroeg zich af waarom het zo lang duurde voor het fenomeen overwaaide naar Nederland, namelijk pas in de jaren negentig van de vorige eeuw. Hij denkt dat het komt omdat met de toegangseis van een vwo-diploma, al een belangrijke schifting plaats vindt: slechts 20% van de middelbare scholieren heeft toegang tot de universiteit. Bovendien   

 Wim van den Doel                                  streefde de overheid na de oorlog juist
brede toegang tot het hoger onderwijs na. Het idee van Honours Classes paste toen domweg niet in het vigerende meritocratische denken. Maar, vraagt Van den Doel zich met Aydelotte af, was dat niet ook verspilling van talent? Ter vergelijking: de University of Califonia heeft als opdracht zich te richten op de beste 12% van de middelbare scholieren van de staat Californië. Hierdoor kan de academische lat sowieso alweer flink hoger liggen.

In elk geval stond de opleiding geschiedenis open voor het idee van een Honours Class, dat Leonard Blussé in 1993 mee terug bracht na een verblijf op Princeton.

Hogere eisen
En de rest is geschiedenis, stelde Van den Doel, om er meteen aan toe te voegen: 'Or is it?' Hij bekeek de kenmerken van de Amerikaanse Honours Classes, zoals vastgelegd door de National Collegiate Honors Council aldaar. In Amerika heeft een Honours Class minimaal de omvang van 15% van een bacheloropleiding, maar beter nog 20 tot 25%. De deelnemers aan een class schrijven minimaal drie papers van tien pagina's en soms nog meer. Aan het einde van hun bacheloropleiding leggen de studenten extra examens af, afgenomen door vakspecialisten van buiten de universiteit. En tenslotte moet het Honours Programme een zeer hoge status hebben, zowel binnen als buiten de universiteit.

'We have work to do', concludeerde Van den Doel.

Geen antwoord
Hierna volgden nog zes korte toespraken  van een student uit elk van de zes vertegenwoordigde Honours Classes. Ze hadden als opdracht gekregen in vijf minuten te vertellen wat het belangrijkste was dat ze hadden geleerd. 'There is no final answer available', zei Willem Masman over de invloed van de media op het denken van de bevolking over de overheid: een complex probleem levert niet altijd eenduidige antwoorden op. Thed van den Berg, part time student psychologie, leerde dat bij veel ziektes toch echt psychologische factoren in het spel zijn. 'Onze hersenen, zenuwstelsel en bloedcirculatie inclusief het hart, vormen één dynamisch systeem dat onze innerlijke kwaliteit reguleert'. Van den Berg vertelde dat het bedrijf waar hij werkt, een bureau dat trainingen verzorgt, gaat samenwerken met de universiteit, zodat de wetenschappelijke inzichten meteen in de praktijk kunnen worden gebracht.

 Thed van den Berg

Gedicht
Tot slot nog het gedicht dat studente Sarah Moss voorlas aan het eind van haar lezing. Het is van de hand van A.A. Milne (schrijver van Winny the Pooh) en het gaat over een jongetje van zeven, 'somewhere along his development continuum', om met Moss te spreken:

Halfway down the stairs is a stair where I sit
There isn't any other stair quite like it
I'm not at the bottom, I'm not at the top
So this is the stair where I always stop

Half way up the stairs isn't up and isn't down
It isn't in the nursery and isn't in the town
and all sorts of funny thoughts run round my head
It isn't really anywhere - it's somewhere else instead

Link
Honours Programme Universiteit Leiden

(27 juni 2006/CH)