Politicoloog Van Holsteyn: 'Journalisten missen basiskennis'

Prof.dr. J.J.M. van Holsteyn houdt vrijdag 16 juni a.s. zijn oratie als bijzonder hoogleraar Kiezersonderzoek. In deze oratie, waarvan de ondertitel weinig verrassend 'Over verkiezingen, kiezers en kiezersonderzoek in Nederland' luidt, gaat hij in op de stand van zaken in het Nederlandse kiezersonderzoek.

Van Holsteyn onderzoekt wat de Nederlandse kiezer drijft als hij in het stemhokje staat. Ook de relatie tussen 

 
 kiesgedrag en de institutionele omgeving heeft zijn aandacht, evenals de betekenis ervan voor het functioneren van de Nederlandse democratie.

 Joop van Holsteyn

 

De kiezer laat zich moeilijk kennen
Van Holsteyn: 'Wat de kiezer precies gaat doen op de dag van de verkiezingen is tegenwoordig lastiger te voorspellen dan ooit. Er zijn erg veel gegevens en allerlei geavanceerde analysemethoden van kiesgedrag, maar het inzicht in de uiteindelijke partijkeuze is er niet veel groter op geworden. Integendeel. De kiezer laat zich steeds moeilijker kennen.'

Waarom was kiesgedrag vroeger beter te voorspellen? Van Holsteyn: 'Dat heeft natuurlijk alles te maken met de verzuiling. Kiezers waren eerst en vooral leden van een bepaalde sociale groep. Dat groepslidmaatschap was in hoge mate sturend voor houdingen en gedrag. En de band met die groep vertaalde zich bij verkiezingen in een specifieke partijkeuze. Immers, bij de te onderscheiden sociale groepen 'hoorde' een eigen politieke partij. Dus als je als kiezersonderzoeker enkele cruciale kenmerken van die kiezer wist, zoals zijn religie en sociale klasse, was zijn partijkeuze makkelijk te voorspellen. Die tijd is voorbij. En met het, zacht gezegd, minder homogeen worden van het electoraat is het veel lastiger geworden om vanuit een enkel model, en op basis van slechts een paar kerngegevens, die kiezer en zijn gedrag te begrijpen.'

 

De praktijk van het kiezersonderzoek
Hoe gaat dat 'onderzoeken wat de kiezer drijft' in de praktijk in zijn werk? Van Holsteyn: 'In het kiezersonderzoek in Nederland neemt het zogenoemde Nationaal Kiezersonderzoek een centrale plaats in. Er is natuurlijk meer onderzoek, maar dit NKO levert voor tal van onderzoekers, ook voor mij, enorm veel en belangrijke informatie. Het gaat om een onderzoek rondom Tweede-Kamerverkiezingen, en dat onderzoek wordt al ruim dertig jaar gehouden. Voor en na de verkiezingen wordt aan dezelfde groep mensen aan de hand van een gestructureerde vragenlijst een grote hoeveelheid gegevens voorgelegd. Die vragen hebben betrekking op hun persoonlijke kenmerken, maar vooral ook op hun van politieke mening, houding en gedrag. Op basis van die informatie probeert de onderzoeker de overwegingen in kaart te brengen die leiden tot bepaalde partijkeuzes.'

De politiek en de media
Wat vindt u van de berichtgeving in Nederland over de binnenlandse politiek? Van Holsteyn: 'De berichtgeving over de Nederlandse politiek stemt me niet erg vrolijk. Soms lijkt het erop dat het journalisten aan basiskennis ontbreekt. Neem de tegenwoordig zo welig tierende opiniepeilingen. Het is opmerkelijk, én somber stemmend, dat allerlei resultaten van peilingen klakkeloos in de media worden overgenomen. Neem de strijd binnen de VVD om het leiderschap. Dat niet alleen Verdonk zelf, maar ook zo veel journalisten verrast waren door de uitkomst was mede te wijten aan de vele peilingen waaruit naar voren kwam dat Verdonk het goed zou gaan doen. Maar die peilingen deugden geen van alle! Bij mijn weten is er geen enkele echt juiste, of althans wetenschappelijke verantwoorde, peiling gehouden onder de leden van de VVD. De journalistiek heeft daar veel te weinig bij stilgestaan.'

 
Verkiezingsstand van D66 (toen nog met apostrof) in Leidschen-dam/Voorburg.
StemWijzer
Is het dan voor de Nederlandse kiezer nog wel mogelijk om zich een goed oordeel te vormen over de politiek? Wat vindt u van de manier waarop de politieke partijen in Nederland de kiezer informeren? Van Holsteyn: 'In een verkiezingscampagne proberen partijen stemmen te werven. Dat is logisch. Dat doen zij door hun plannen te presenteren, uiteraard in een gunstige vorm en met prachtige uitkomsten. Dat doen alle partijen op een eigen manier. Daar leert de kiezer toch echt wel wat van. In een campagne neemt vaak de betrokkenheid van de burger bij het politieke proces wat toe, en die burger steekt er nog wat van op ook. En waarom zou die kiezer dan geen eigen oordeel kunnen vormen? Zeker, de kiezer zal niet alle programma's van binnen en van buiten kennen. Maar ik heb het idee dat de kennis, hoe globaal misschien ook, en het beoordelingsvermogen van kiezers nogal eens worden onderschat. De meeste kiezers weten in de meeste gevallen heus wel wat zij doen. Trouwens, met de StemWijzer lijkt er een soort van consumentengids op de markt, en die is dan ook razend populair de laatste jaren. Dat er nogal wat ernstige haken en ogen aan die StemWijzer zitten, laat ik hier dan maar even buiten beschouwing.'

Strategisch stemmen
Wat betekenen verkiezingen voor het functioneren van de Nederlandse democratie? 'Dat is een lastige vraag. Ik ben daar nog lang niet uit. Maar waar je aan zou kunnen denken is aan een verschijnsel als strategisch stemgedrag. Dat houdt in dat kiezers niet op hun eigenlijke voorkeurspartij stemmen maar op een andere partij. Zij doen dat niet zozeer vanwege de politieke verhoudingen in de Tweede Kamer, maar met het oog op de kabinetsformatie. En dan ontstaat er natuurlijk een boeiend vraagstuk, waarbij het functioneren van de Nederlandse democratie nadrukkelijk in beeld komt. Het zegt ook iets over de inrichting van het Nederlandse bestel als kiezers bij Tweede-Kamerverkiezingen niet hun oog richten op die Tweede Kamer, maar op de ware machtsvraag, de samenstelling van een nieuw kabinet. Zij willen dat kennelijk, maar zijn daar door de bestaande institutionele omgeving niet toe in staat.' 

 
Belgische cartoon over parlemen-taire verkiezingen uit 2003: 'De verkiezingen naderen, de tongen worden geslepen. '
Politiek commentator
Zou u politiek commentator willen zijn, of doet u liever onderzoek? Van Holsteyn: 'Soms doe ik dat wel een beetje, politiek commentaar geven. Ik schrijf regelmatig bijdragen voor de opiniepagina voor diverse dagbladen, en journalisten weten me soms makkelijker te vinden dan me lief is. En het is natuurlijk niet zo dat ik moet kiezen tussen onderzoeker of commentator. Als ik al iets zinnigs weet op te merken in mijn rol als commentator, dan zal dat uiteraard in het verlengde liggen van mijn onderzoek en wat ik daar zoal te weten ben gekomen.'

Docent Van Holsteyn
Wat probeert u uw studenten bij te brengen? Van Holsteyn: 'Studenten moeten vooral geboeid zijn door politieke problemen, en door de vele vragen die het gedrag van hedendaagse kiezers oproepen. Goed onderzoek begint met verbazing, verbijstering soms, omdat er in de politiek, en bij verkiezingen, dingen gebeuren waarvoor we niet zo een-twee-drie een goede interpretatie hebben. Goede studenten zien die vragen, staan open voor meerdere interpretaties, en gaan op zoek naar die interpretatie die het best bestand blijkt tegen empirische en logische kritiek.'

De tekst van de oratie van Joop van Holsteyn staat vanaf 16 juni 17.00 uur op de homepage van de Universiteit Leiden.

Links

(13 juni 2006/DH)