|
|
Het Centrum voor Milieuwetenschappen Leiden (CML) verricht bijzonder goed onderzoek. Dat blijkt uit het recent verschenen rapport van de visitatiecommissie die het CML heeft beoordeeld volgens de procedures en criteria van het Standaard Evaluatie Protocol. Met deze beoordeling voegen de milieukundigen zich in het rijtje van Leidse theologen, filosofen, archeologen, psychologen en biologen wier onderzoek dit jaar eveneens een hoge waardering ten deel viel.
Compliment voor management
Volgens de visitatiecommissie, bestaande uit vooraanstaande wetenschappers uit Nederland, België en de Verenigde Staten, heeft het CML een uitstekende internationale reputatie op het gebied van de milieuwetenschappen. Wel constateert de commissie enig kwaliteitsverschil tussen de drie onderzoeksgroepen van het CML.
De commissie deelt verder een compliment uit aan het management van het CML onder leiding van wetenschappelijk directeur prof.dr. H.A. Udo de Haes.
![]() |
| Hoe beïnvloeden mens en natuur elkaar? Het beplanten van de akkerranden met bijvoorbeeld veldbloemen, bevordert de biodiversiteit. |
Grote derde geldstroom
De commissie constateert, dat het CML zeer succesvol is bij het verwerven van subsidies uit de derde geldstroom. (De laatste jaren was de derde geldstroom alleen groter dan de eerste en tweede geldstroom samen). Eén van de assets van het CML zijn de veldstations op de Filippijnen en in Kameroen. Volgens de visitatiecommissie zou er meer te halen zijn uit het waardevolle onderzoek dat daar wordt verricht. Te grote afhankelijkheid van externe financiering levert echter ook risico's op.
![]() |
| Vrouwen bij een waterput in Kameroen, waar het CML een van zijn twee veldstations heeft. Het andere ligt in de Filippijnen. |
Meer samenwerking met W&N
Als multidisciplinair instituut heeft het CML vele samenwerkings-verbanden met onderzoeksgroepen binnen en buiten de universiteit. De visitatiecommissie beveelt aan om actiever samen te werken met instituten van de faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen (W&N) en met ecologische onderzoeksgroepen elders. Voor de afdeling Industrial Ecology verdient het daarnaast aanbeveling om meer samenwerking te zoeken met economische onderzoeksgroepen.
Cijfers
Concluderend waardeert de commissie het CML-onderzoek met de volgende cijfers:
|
Quality assesment of CML | |
|
Productivity |
4-5 (very good - excellent) |
|
Quality |
4 (very good) |
|
Relevance |
5 (excellent) |
|
Vitality/feasibility |
4 (very good) |
|
Overall rating |
4-5 (very good - excellent) |
Andere organisatorische inbedding
Desgevraagd heeft de visitatiecommissie zich ook gebogen over de vraag of het onderzoek van het CML organisatorisch ondergebracht zou kunnen worden bij één of meer faculteiten. De commissie concludeert dat het niet verstandig zou zijn de drie onderzoeksgroepen van elkaar te scheiden, maar zij acht het wel denkbaar dat het CML als instituut deel gaat uitmaken van de faculteit W&N. Volgens de commissie zou er na integratie een vruchtbare samenwerking kunnen ontstaan tussen de nieuwe discipline milieukunde en klassieke disciplines als natuurkunde, scheikunde en biologie.
Mede naar aanleiding van dit advies zal het College van Bestuur in overleg met de faculteit W&N en met het CML bezien hoe de toekomst van het milieukundig onderwijs en onderzoek in Leiden het best verzekerd kan worden.
Link
(13 juni 2006)



