Eens een fietsendief, altijd een fietsendief?

Mr. dr. Arjan Blokland: 'Als we patronen in criminele carrières kunnen voorspellen, kan er op tijd worden bijgestuurd.'
In zijn proefschrift schreef Arjan Blokland het al: levensomstandigheden hebben veel invloed op het verloop van een criminele carrière. Wie trouwt pleegt bijvoorbeeld minder delicten. Blokland wist dit, omdat hij de strafbladen van ruim 5000 mensen die in 1977 waren veroordeeld, had gekoppeld aan gegevens uit onder meer de Gemeentelijke Basis Administratie.

Criminele carrières
Bij de steekproef in 1977 waren de veroordeelden gemiddeld 25-30 jaar oud. Blokland bestudeerde hun hele loopbaan: niet alleen de 25 jaar na 1977, maar ook alle eerdere veroordelingen. 'We kunnen daardoor complete criminele carrières in kaart brengen.'

Dit is een andere aanpak dan die van de meeste nationale en internationale studies naar criminele carrières. Deze studies richten zich uitsluitend op de periode tussen pubertijd en volwassenheid, omdat in die levensfase de criminaliteit het hoogst is, en omdat de adolescentie te boek staat als een vormende en bepalende periode.

Ernst van de delicten
Mr.dr. Arjan Blokland, verbonden aan het Nederlands Studiecentrum voor Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), blijft de carrières van deze 5000 personen bestuderen, maar gaat nu doorvragen. Voor zijn proefschrift richtte hij zich vooral op de frequentie van misdrijven, maar nu wil hij ook zicht krijgen op de ontwikkeling in ernst van de delicten.

Blokland: 'Zijn het eerst fietsendiefstallen en later roofovervallen, of spelen de zware misdaden zich juist in de jeugd af en worden de strafbare feiten later minder ingrijpend? Of is er helemaal geen sprake van enige opbouw? Dat is belangrijk om te weten, want als we patronen in criminele carrières kunnen voorspellen kan er op tijd worden bijgestuurd.'

Speler van belang
Blokland won een Veni-beurs voor dit vervolgonderzoek, dat hij samen met Paul Nieuwbeerta - eveneens NSCR - verricht. Hun gigantische dataset is uniek in de wereld. Alleen in Boston is een vergelijkbaar onderzoek gedaan. Daar zijn 500 jongens uit een tuchthuis gevolgd tot ze een jaar of 70 waren.

Blokland: 'Maar onze steekproef is representatiever, het is een dwarsdoorsnede van alle typen daders. Bovendien is men in internationaal onderzoek nooit toegekomen aan een focus op de inhoud van de delicten. Onderzoek naar de frequentie is al lastig genoeg. In dat opzicht lopen wij nu voorop. Ontwikkelingscriminologie wordt altijd gedomineerd door de Amerikanen, maar wij zijn nu ook een speler van belang.'

Persoonlijk benaderen
Trouwen en een gezin stichten hebben invloed op de ontwikkeling van een criminele carrière, zo ontdekte Blokland eerder. Maar waardoor wordt dit effect veroorzaakt? Ook iets wat hij wil gaan uitzoeken. 'Om dat te weten te komen willen we de betreffende personen persoonlijk benaderen. We gebruiken de informatie over de frequentie en de aard van de delicten om subgroepen te maken, en benaderen van elk van deze groepen een aantal mensen. Sommigen van hen komen nog steeds in aanraking met de politie, dus het moet mogelijk zijn om hen via de reclassering of via de advocaten te benaderen. Het lastige is dat we ook graag willen praten met mensen die inmiddels zijn gestopt met crimineel gedrag.'

Criminele carrières als DNA-sequenties
Op zoek naar methodes om de aard en ernst van delicten te onderzoeken, en de patronen daarin bloot te leggen, speelt Blokland ook leentjebuur bij andere disciplines. In de biologie bijvoorbeeld maakt men gebruik van sequentieanalyse van DNA. Blokland: 'Wij zien de carrières van criminelen dan als een soort DNA-sequentie. Als iets met een volgorde, net zoals DNA. Op die manier willen we meer te weten komen over de volgorde waarin delicten gepleegd worden, om op basis daarvan voorspellingen te kunnen doen over de ontwikkeling van criminele carrières.'

Hoe moeten we straffen?
Op termijn hoopt Blokland met zijn onderzoek een bijdrage te kunnen leveren aan het debat over de vraag hoe er gestraft moet worden en wat de bedoeling van die straf moet zijn. 'Op basis van mijn promotieonderzoek constateer ik dat generaliseringen niet op zijn plaats zijn. Van veelplegers wordt vaak gezegd: die moet je lang opsluiten, want daarmee voorkomen we veel criminaliteit. Die uitspraak is echter alleen gebaseerd op hun criminele verleden, niet op mogelijke ontwikkelingen in hun criminele carrière in de toekomst.'

Links

(30 mei 2006)