Universiteit Leiden
  home   contact      
 
 
 
Archief
   

Archief > Forum 1/07

De gastcolleges van Kader Abdolah
"Mohammed was een mooi mens."

Kader Abdolah was dit jaar de gastschrijver van de Universiteit Leiden. Dat betekende niet alleen dat zijn boek Het huis van de moskee dit jaar door een groot aantal eerstejaarsstudenten gelezen werd, maar ook dat hij enkele lezingen hield, debatten hield en colleges gaf. Bart de Haas volgde de uit Iran afkomstige gastschrijver dit jaar en doet voor Forum verslag. "Als ik bedreigd word, ga ik heerlijk in Nieuw-Zeeland wonen."

Reportage door Bart de Haas
Foto's: Juliëtte Sandberg

College

Een sprookje

Het onderwerp van Abdolah's nieuwe boek is de Koran. Een droom vertelde hem dat hij van de Koran een geheel eigen vertaling moest maken. In zijn reeks colleges vertelt hij dan ook over het leven van Mohammed en lezen de studenten elke week een sura (hoofdstuk) uit de Koran. Beide weet hij vervolgens met elkaar te combineren tot een boeiend verhaal, waarin zowel Mohammed als de Koran voor ons een stuk duidelijker worden. Het is dan ook de bedoeling, als wij een vraag over de Islam of de Koran hebben, dat wij die stellen, zodat hij weet op welke punten hij zijn eigen vertaling duidelijker moet maken.

Zelf ben ik uit interesse hiernaast ook het vak Inleiding in Islam en Islamkunde gaan volgen. Beide vakken vullen elkaar uitstekend aan, want als ik bij het ene vak iets niet helemaal begrijp, wordt het me na het andere volkomen duidelijk, en andersom. Eigenlijk zou het goed zijn, zo blijkt uit de discussies, als mannen als Marco Pastors beide vakken ook eens zouden volgen.

Weliswaar gebeurt het een enkele keer dat de interpretatie van Abdolah niet exact overeenkomt met de wetenschappelijke lezing, maar ach, voor mij doet dat er eigenlijk niet zo veel toe. De colleges van de gastschrijver lijken in niets op 'echte' colleges. Abdolah geeft college zoals hij zijn boeken schrijft: als verteller. Elk college is van begin tot eind een sprookje, met tussendoor wat poëzie.

Als de liefde

Toch wordt er daarnaast ook vaak gediscussieerd en wordt er van de mogelijkheid tot vragen eveneens volop gebruik gemaakt. Zo zijn op de eerste plaats veel studenten nieuwsgierig naar de motieven van Abdolah zelf. Is hij bijvoorbeeld niet bang dat iemand hem vanwege zijn nieuwe vertaling zal bedreigen?

Abdolah: "Mag ik je een vraag stellen: ben je bang om verliefd te worden?" De student knikt. "Datzelfde gevoel krijg ík met schrijven, ik kan niet stoppen. Je gaat gewoon door, ook al weet je niet waar je uitkomt, of je samen zult knielen of dat je afgewezen wordt. Je wilt je geliefde bij de hand nemen, samen mooie wandelingen maken en haar uiteindelijk naar het paradijs brengen. Dat wil ik ook met de lezer, iets in me dwingt me ertoe. Ik heb geen keuze."

En als de student dan vraagt of hij het niet gewoon alleen voor zichzelf kan schrijven, om het vervolgens geheim te houden, meent Abdolah dat hij dit onmogelijk kan doen: "Je kunt je kind toch ook niet verstoppen na een zwangerschap? Ik heb het aan mijn dochter gevraagd en ook zij zei dat ik door moest gaan met schrijven. We doen het! En anders, zei ik tegen mijn vrouw, als we bedreigd worden, dan gaan we heerlijk in Nieuw-Zeeland wonen."

Een mooi boek

Als begeleider zit afwisselend Jaap Goedegebuure of Peter van Zonneveld bij de colleges. In principe laten zij Abdolah gewoon vertellen, maar regelmatig komen zij met een welkome aanvulling, zoals met vergelijkingen tussen de moslims van toen en de eerste christenen. Goedegebuure: "Vijfhonderd jaar geleden werden critici in het westen nog als ketters verbrand. Nu gelukkig niet meer. Zo zal het binnen de Islam misschien ook wel gaan."

Volgens Kader Abdolah ligt het fundamentalisme niet besloten in de Koran. "Als je het boek aan een ayatollah geeft, word je verbrand, maar geef je het aan Kader, dan is het ineens een mooi boek. En Mohammed is misschien geen profeet, maar wel een buitengewoon mens, een mooi mens, ik bewonder hem. Zoveel heeft nog nooit één mens teweeggebracht."

Ook zelf is Abdolah van plan om met zijn boeken iets teweeg te brengen. "Dit is de kwestie van onze tijd. Iemand komt binnen, geeft zijn mening, verandert de mening van anderen en gaat dood. Zelf wil ik dit ook doen, daar geniet ik van."

Tot verbazing van sommige studenten vindt Abdolah zelfs de gewelddadige ontwikkelingen in de samenleving niet erg. "Ook van het geweld in de media geniet ik, ik word er namelijk mooier van. Nederland is jonger, energieker en vitaler geworden door de veranderingen in onze samenleving. Die samenleving is sterk genoeg om verder te gaan, zelfs als er bepaalde groepen dit willen verpesten."

Zijn boodschap aan de studenten is dan ook om er vooral op uit te gaan en je mening te verkondigen. "Conflict is goed, daar hebben we zoveel moois van gekregen. Maar. je wordt gauw oud, dus je moet je hart niet door afkeer en haat laten verteren. Luister naar je hart en volg het."

Albert Verwey-lezing

Op donderdag 23 november hield Kader Abdolah de jaarlijkse Albert Verwey-lezing. Voor het eerst werd deze gehouden in de Hooglandse kerk. De titel van zijn lezing was 'Mo, de dichter.' Hierin deelde hij de verhalen uit het leven van Mohammed met het publiek. Voor de studenten die alle colleges gevolgd hadden, vertelde hij deze avond echter niet heel veel nieuws. Toch bood de lezing alsnog de nodige spanning: midden in zijn verhaal leek Abdolah plotseling niet meer te weten hoe hij verder moest, leek de geest van Mohammed hem tegen te willen houden. Even viel hij volledig stil.

Een dag later stond in de krant dat hij dit bewust zou hebben gedaan. Na zoveel eerdere lezingen kon het immers niet zomaar fout gaan. Zelf beweerde hij dit ook, na afloop in de kerk en een week later in de colleges. De meeste studenten wisten duidelijk niet wat en wie ze hier moesten geloven. Op dat moment waren de meesten ervan overtuigd dat hij écht niet meer wist hoe hij verder moest gaan. Het liefst wilde ook ik af en toe door de zaal schreeuwen: "De stok!" Of: "De spin!", al durfde niemand. Een extra reden voor de twijfel was dat hij uiteindelijk met moeite nog wel op 'de stok' kwam, maar dat hij het verhaal van 'de spin' oversloeg, terwijl hij in een eerder college nog had verteld dat hij dit misschien wel het mooiste fragment uit de Koran vond. Hoe dan ook, om met de woorden van Peter van Zonneveld te spreken, denk ik dat de mensen "zich na afloop zeker niet bekocht voelden". Sterker nog, ik merkte dat hij voor het publiek juist een stuk menselijker geworden was.

Broertje en zusje

Na een eerder gesprek met Frans Saris, vond op donderdag 7 december in het Kamerlingh Onnes Gebouw het gesprek met prof. Sjoerd van Koningsveld plaats. Dit gesprek over de Islam was via stellingen in de vorm van een debat gegoten. Meteen bij het begin al liet Abdolah weten hier niet echt een voorstander van te zijn: "Wat ik ook zeg, ik ben niet voor en ik ben niet tegen." Dat Van Koningsveld er wel zin in had, bleek meteen al bij zijn eerste reactie. Hij had zich uitstekend voorbereid. Beide gesprekspartners zaten zo vanaf het begin op een andere golflengte.

Het 'gesprek' werd uiteindelijk een waar slagveld, waar Van Koningsveld glansrijk als winnaar uit tevoorschijn kwam. Gesteund door enkele moslims uit het publiek, die zich herhaaldelijk luidruchtig lieten horen en Abdolah zelfs toeriepen dat ze zijn boek niet mooi vonden, ging de professor wat mij betreft veel te ver. Niet alleen door zijn moeilijke Nederlands - hij gebruikte sommige woorden die zelfs ik niet kende, laat staan iemand die in Iran geboren is -, maar ook door uitspraken als: "Nu klinkt u net als een aspirant-Jehovagetuige. Maar u kunt er niets van, misschien moet u morgen nog maar eens bij mij aan de deur komen oefenen."

Nu is het mijn beurt!

Pas op het eind liet het publiek, dat tenslotte toch voor Kader Abdolah gekomen was, zich ook horen. Wat mij persoonlijk het meest verbaasde was dat Van Koningsveld in het begin zei dat "wetenschap en kunst of literatuur broertje en zusje waren". Tegelijkertijd bleek echter dat de wetenschap toch boven de kunst stond of er minstens aan vooraf moest gaan. "Nu is het mijn beurt," had Abdolah geroepen, "nu ga ik mijn boek schrijven!"

Volgens Van Koningsveld was het echter pas zijn beurt als Abdolah alle beschikbare literatuur over het onderwerp eerst gelezen zou hebben. In zijn boek zou hij namelijk niet veel toevoegen aan alles wat al eens over de Koran geschreven was.

De hothot

In de laatste colleges ging Abdolah verder in op wat de Islam betekend heeft voor de Perzische kunst, literatuur en architectuur. Zo las hij enkele gedichten voor van de beroemde dichter Hafiz en toonde hij ons een diaserie over Iran. De vogel hothot werd niet alleen als boodschapper door Sulaiman in de Koran aangeroepen, maar ook verliefde dichters konden nog wel eens een beroep op deze vogel doen.

Het was dan ook toepasselijk dat Peter van Zonneveld onder meer een oude afbeelding van de hothot aan Abdolah cadeau deed om hem te bedanken, als afsluiting van de colleges. Ook werd er aan Abdolah (en aan alle deelnemers van de werkgroep) een door Silvia Zwaaneveldt uitgegeven gedicht uitgereikt, dat geïnspireerd was op Aga Djan, de hoofdpersoon uit het boek Het huis van de moskee. En daarmee kwam er een einde aan deze inspirerende collegereeks.

Lees ook: Eerstejaarsboekdag met gastschrijver geslaagd (Forum 5/2006) en
     Leids student schrijft gedicht naar Abdolah (Jos las Leids, Forum 7/2006)

                                    
 
   
vorige pagina top pagina