Universiteit Leiden
  home   contact      
 
 
 
Archief
   

Archief > Forum 1/06 > Interview

Interview

Interview met eredoctor Anthony Grafton

"Onze president zou de essays van Erasmus wel eens mogen lezen."

Tijdens de diesviering van 8 februari 2006 werd er een eredoctoraat uitgereikt aan Anthony Grafton, hoogleraar Geschiedenis aan Princeton University. Geflankeerd door Letterendecaan Geert Booij en zijn erepromotor Nicolette Mout, die lovende woorden over hem sprak, stapte hij achter de pedel aan het podium op van een volle Pieterskerk. Forum vroeg hem naar zijn band met Leiden en Scaliger. "Vanaf het eerste moment dat ik in Leiden kwam, wist ik dat dit de juiste plaats was."

door Bart de Haas

Eredoctor Anthony Grafton    
Eredoctor Anthony Grafton

Wat dacht u toen u hoorde dat u een eredoctoraat zou krijgen?

"Ik dacht eerst dat iemand een fout had gemaakt, maar toen ik mij realiseerde dat het echt waar was, was ik buitengewoon blij en verrast. Het is namelijk een enorme eer. Degene die mij mijn discipline geleerd heeft, Arnaldo Momigliano, ontving vele jaren geleden ook al een eredoctoraat van Leiden en ik had nooit gedacht dat ik mijzelf ooit met hem kon vergelijken."

Hoe is uw band met Leiden eigenlijk ontstaan?

"In de lente van 1974 kwam ik hier voor het eerst. Ik meldde mij aan bij de universiteitsbibliotheek en daar vroeg een mevrouw me wat ik kwam doen. Toen ik haar vertelde dat ik kwam om het werk van Joseph Scaliger (1540-1609) te bestuderen, zei ze: 'Dan bent u op de juiste plaats'. De stad is in de loop der tijd behoorlijk veranderd, van een ouderwets universiteitsstadje waar je alleen maar boeken kon kopen tot een levendige stad vol welvaart waar nu de mooiste espressomachines te koop zijn. Maar na meer dan dertig jaar denk ik nog steeds dat Leiden de juiste plaats is."

Is er hier in Leiden zoveel van hem bewaard?

"Jazeker. Scaliger was door de universiteit in 1591 aangetrokken als waarschijnlijk de eerste research professor van de moderne tijd. Hij gaf dus geen colleges. Wel leidde hij diverse zeer bekende studenten op, zoals Hugo Grotius en was hij mentor voor jonge hoogleraren als Daniel Heinsius. Zij hebben opgetekend wat hij hun in gesprekken zei. Vaak was dat erg persoonlijk en grappig."

Grappig?

"Ik vrees dat zijn grapjes tegenwoordig nog maar door weinig mensen gewaardeerd zullen worden, maar hij maakte bijvoorbeeld veel taalgrapjes. Scaliger sprak namelijk in een mix van Frans en Latijn en zeer expressief, zo vertelde hij bijvoorbeeld van Heinsius dat hij de ene dag dronken was van Horatius en de andere dag van weer een andere schrijver. Het is natuurlijk jammer dat er in die tijd nog geen e-mail was, maar wat  zij hebben nagelaten vormt een beeld waar de roddelpers jaloers op zou zijn."

Joseph Scaliger heeft u dus naar Leiden gebracht, maar wat bracht u bij Joseph Scaliger?

"Europa heeft mij van kind af aan gefascineerd. Later, toen ik rond de twintig was, bestudeerde ik allerlei onderwerpen, van het humanisme in de Renaissance tot zaken uit de natuurkunde, en was ik op zoek naar een connectie hiertussen. Op aanraden van een docent vond ik die verbinding in Joseph Scaliger, in wie alles samenkwam. Hij heeft eveneens de astronomie weten te combineren met filologie om de discipline van de chronologie te scheppen. Aan de hand van bijvoorbeeld een eclips kun je namelijk bepaalde gebeurtenissen vrij exact dateren. En Scaliger maakte hier een nieuwe discipline van, die net als Genomics nu erg populair was. Vandaar dat Leiden hem ook graag wilde hebben."

De meeste Nederlanders kennen Scaliger niet. Hoe denkt u dat dit komt?

"Allereerst is zijn tak van wetenschap nu minder populair. Alles wat hij deed is nu gewoon via Wikipedia op te zoeken. Daarnaast had hij nog het probleem dat hij geen echte nationaliteit had. Zijn vader was Italiaans, hij is geboren en opgegroeid in Frankrijk, maar het meest beroemd geworden in Holland. Het nadeel is dat hij door niemand echt geclaimd wordt. Bovendien is zijn afkomst ook bekritiseerd. Zijn vader, overigens een briljante filosoof, heette Giulio Cesare Bordon. Toen deze echter naar Frankrijk vertrok, wilde hij zich groter voordoen dan hij was en noemde hij zichzelf Scaligero, alsof hij de zoon was van de Della Scala's van Verona."

Is de toen nog jonge Joseph hier later ooit achtergekomen?

"Nee, merkwaardig genoeg niet. Ook hij dacht dat hij een prins was en hij kleedde zich ook altijd volgens zijn afkomst in purperen mantels. Sterker nog, toen wetenschappers het bedrog van zijn vader ontdekt hadden, heeft hij zijn vader zelfs verdedigd. Waar mensen nu wetenschappelijke titels verzinnen om mee te kunnen pochen, was toen een adellijke titel het belangrijkst."

Heeft u, naast Scaliger, nog andere helden?

"Scaliger is inderdaad een held van me, maar naast hem bijvoorbeeld ook Erasmus. Ik ben het helemaal eens met wat hij schreef over tolerantie en de idee dat je geen mensen mocht veroordelen op basis van hun geloof. Daar geloof ik in. Het zou ook een goed idee zijn als onze Amerikaanse president en vice-president zijn essays over oorlogsvoering eens zouden lezen. Ook Francesco Guicciardini en Johannes Kepler zijn helden van me."

U noemt opvallend genoeg geen Amerikanen.

"Bij ons thuis heb ik veel goeds gehoord over Franklin D. Roosevelt, de president van o.a. de New Deal en de Tweede Wereldoorlog. Mijn vader heeft hem namelijk een tijd lang als journalist gevolgd. Ik denk dat hij, net als Lincoln trouwens in de burgeroorlog, veel voor Amerika gedaan heeft."

Adam Fairclough, hoogleraar Amerikaanse Geschiedenis hier in Leiden, zei onlangs in Forum dat hij zich in Europa vrijer voelde om te zeggen wat hij dacht dan in de Verenigde Staten.

"Mijn familie komt uit Oost-Europa. Mijn moeder komt uit Oekraïne en mijn vader is op het nippertje in Amerika geboren, precies toen hij van de boot af kwam. Zij hebben daar een succesvol leven opgebouwd en dankzij hen heb ik onderwijs kunnen volgen en aan mijn carrière kunnen werken. Het is dus een prachtige, open maatschappij. Als geregistreerd lid van de Democratic Party heb ik nog nooit een probleem ondervonden als ik een stuk tegen het presidentiële beleid schreef. De universiteit is een vrije ruimte. Ik mag dan soms wel kritiek hebben op mijn land, ik houd er wel van."

Wat zijn uw plannen voor de nabije toekomst?

"Het probleem is dat je, als je ouder wordt, gevraagd wordt om decaan te worden van de faculteit. Dat ben ik nu ruim drie jaar. Zeker als je daarnaast ook nog professor bent, houd je bijna geen tijd over voor zaken als onderwijs, onderzoek en slaap. Maar binnenkort heb ik daar gelukkig allemaal weer tijd voor. En de tijd om een dik boek te publiceren over Scaligers correspondentie."

 Laudatio Anthony Grafton (8 februari 2006) door Nicolette Mout (pdf)

 Meer over Scaliger: Scaliger Institute

 Inhoudsopgave Forum 1, 6e jaargang

                                    
 
   
vorige pagina top pagina