Universiteit Leiden
  home   contact      
 
 
 
Archief
   

Archief > Forum 1/06 > Interview

Interview

Paul Rutten over de onzekere toekomst van het boek

"Je moet oppassen dat je niet sentimenteel wordt."

Computer en telefoon stonden er al. En hoewel ook de eerste foto reeds geplaatst was, was het grootste deel van de kamer nog leeg. Forum interviewde Paul Rutten, de nieuwe hoogleraar Digitale Mediastudies, onderdeel van de master Book & Byte, op zijn eerste werkdag in Leiden. Eerst inwerken, dan samenwerken, luidt het devies, want "de ontwikkelingen in de digitale wereld omvatten veel meer dan zomaar een productieverbetering in een zuivelfabriek."

door Bart de Haas

      
Paul Rutten
Hoogleraar Digitale Mediastudies (foto: Bart de Haas)

Wat houdt uw vakgebied Digitale Mediastudies in?

"De komende tijd hoop ik mij vooral bezig te houden met de vraag wat de digitalisering voor de uitgeverssector betekent, wat de implicaties voor hun rol kunnen zijn en welke gevolgen die hebben voor de metamorfose van het boek. Hierover hoop ik ook te publiceren. Het vak valt binnen de master Book & Byte, maar ik moet zeggen dat het domein van de boekwetenschap eigenlijk niet echt mijn thuisplaats is. Oorspronkelijk hadden de brede implicaties - van technologie voor media en communicatie mijn interesse - zo heb ik onder meer tien jaar bij TNO gewerkt. Boeken uitgeven was daarvan wel een onderdeel. Toch heb ik nog een wereld te winnen."

Hoe kunt u dit technologische inpassen in het meer culturele domein van de boekwetenschap?

"Mijn leerstoel wordt onder meer gefinancierd door een aantal grote uitgevers. De ontwikkelingen die ik onderzoek kunnen ook voor hen interessant zijn, omdat ze veel verder reiken dan alleen de technologie. Zeker ook het culturele en economische aspect van de digitalisering van het boek zijn van belang. Hiertussen wil ik bruggen slaan. Deze ontwikkeling is namelijk veel meer dan zomaar een productieverbetering in een zuivelfabriek. Het is een nieuwe manier van werken die ook implicaties heeft voor het omgaan met informatie in de samenleving."

Wordt u niet belemmerd door het feit dat uw leerstoel door hen gefinancierd wordt?

"Nee, zeker niet, mijn onafhankelijkheid is gegarandeerd. Sterker nog, ik denk dat je er voordeel uit kunt halen. De financiering van deze leerstoel geeft aan dat ze betrokken zijn en geeft tegelijkertijd een goede basis voor samenwerking. Je krijgt de kans om samen met hen te reflecteren op de veranderingen. De duiding en interpretatie van die veranderingen komt dan op mijn conto. Daarin zit je onafhankelijkheid. Dat kan ook positief uitwerken voor de uitgeverijsector, wetenschappelijk onderzoek kan een prikkel toedienen. Bovendien geeft het de mogelijkheid om studenten nog meer van de praktijk te laten zien."

Want wat wilt u de studenten vooral bijbrengen?

"Studenten van onze master zullen deels worden opgeleid om verder wetenschappelijk na te blijven denken over de nieuwste ontwikkelingen, antwoorden proberen te vinden op de vragen wat hun rol zal zijn in het digitale tijdperk. Maar deels ook zullen ze hier in de praktijk mee aan de slag gaan bij bijvoorbeeld een uitgever, bibliotheek of digitaal archief. Zo wil ik ook gaan kijken naar wat de digitaliseringsslagen zijn die de UB maakt met haar collecties. Dat is bijna een proeftuin in huis."

Om nog iets anders dichtbij huis te noemen, ziet u ook mogelijkheden tot samenwerking met bijvoorbeeld de PaktijkSudie Journalistiek & Nieuwe Media?

"Ik ben hier pas net. Het devies is dan ook: eerst inwerken, dan samenwerken. Maar ik denk dat die mogelijkheden er zeker zijn. Zelf ben ik namelijk een groot voorstander voor openheid aan de grenzen. Strikte terreinafbakening is in deze context onverstandig. De essentie van mijn vakgebied is namelijk niet zozeer de digitalisering als wel de brede gevolgen ervan in cultuur, maatschappij en economie. Dus de introductie van iets nieuws, waarvan we de gevolgen moeilijk kunnen inschatten, maar dat in ieder geval oude praktijken ter discussie stelt. Een mooi voorbeeld is ook de krantenwereld. Eerst was er civic journalism. Daarin werd de scheiding tussen nieuws, achtergrond en opinie minder belangrijk. Een stap die we nu zien is dat burgers, geholpen door digitale technologie, zelf nieuws produceren en verspreiden in de vorm van weblogs."

Denkt u dat kranten kunnen verdwijnen?

"Die kans zit er zeker in. Eerst zei men dat het zo'n vaart niet zou lopen, dat het online allemaal geen professionals waren, maar daar denkt men nu wel anders over. Het gaat nu al en helemaal in de nabije toekomst niet meer om de krant als geheel, nee, het gaat om één bepaald artikel. De makers van Google - het is natuurlijk de droom van elk bedrijf dat hun bedrijfsnaam ook een werkwoord wordt - willen zelfs een zoekmachine maken die kan zoeken binnen kranten naar één artikel. Dat wil het publiek en die kant gaat het dus op."

En hoe zit dat met het boek? Zal dat ook verdwijnen?

"Allereerst moet je je afvragen wat een boek precies is. Zolang je vakgebied in ontwikkeling is, moet je het voortdurend ter discussie stellen. Je moet zowel naar buiten als naar binnen kijken. Als je hiermee het gedrukte boek bedoelt in z'n fysieke papieren vorm, dan denk ik dat het nog wel een paar levens heeft, ik schat minstens nog zo'n twintig jaar. De toekomst, zo is mijn ervaring, blijft immers altijd langer weg dan we denken."

Twintig jaar, zo kort nog maar?

"Voorlopig zijn er nog geen echte vervangers en de weinige vervangers die er al zijn blijken voorlopig nog niet goed genoeg, maar ze zullen er komen. Over honderd jaar hebben we vrijwel zeker iets anders, als we dat tenminste nog meemaken. Overigens moet je niet vergeten dat de technologische vooruitgang er tegelijk ook voor gezorgd heeft dat het boek goedkoper kon worden gemaakt. Er werden nog nooit zoveel boeken gepubliceerd als nu. En bestsellers zijn de laatste jaren naar mijn mening ook niet dunner geworden, wel anders."

Hoe bedoelt u 'anders'? Ik neem aan niet alleen in inhoud.

"Kijk bijvoorbeeld naar een fenomeen als Harry Potter. Dit is een ware multimediamix van film, dvd, boek, luisterboek, een website, merchandising enzovoorts. Het boek als op zichzelf staand cultuurgoed wordt gaandeweg getrokken in een steeds bredere dynamiek. Dat luister- of audioboek is sowieso een nieuwe trend. Laatst heeft er zelfs iemand de theorieën van de tien meest bekende managementgoeroes op een audio-cd gezet. Kennelijk is er een markt voor mensen die weinig tijd hebben en veel in de auto zitten."

Kun je dit dan nog wel lezen noemen?

"Nee, dat vind ik geen lezen meer. Maar achter deze vraag schuilt iets anders. We waarderen lezen als activiteit hoger dan andere vormen van informatieverwerving. Boeken scoren hoog in de culturele hiërarchie. Dat leidt tot de vraag of je een luisterboek of een werk dat online staat nog wel een boek kan noemen. Zelf denk ik van niet, de vraag is echter of dat belangrijk is. Opvallend is verder dat we nieuwe dingen vaak benoemen in de termen die we al kennen. De aanduiding audioboek is daarom curieus. Net als kabelkrant, een oude aanduiding van datgene dat we nu tekst-tv noemen."

Hoe kijkt u eigenlijk tegen deze ontwikkeling aan?

"Ik ben geen cultuurpessimist. Je moet oppassen dat je niet nostalgisch of sentimenteel wordt. Dat zag je ook bij het verdwijnen van de lp's. Toen zei iedereen dat het zo mooi was dat je de teksten op de hoes zo goed kon lezen. Bovendien vond men het artwork van de lp-hoes heel belangrijk. Dezelfde sentimenten spelen nu bij het voorziene verdwijnen van de CD onder invloed van het downloaden. Ik vrees dat een cd-collectie iets is van deze generatie. Daar staat tegenover dat iedere beweging doorgaans een tegenweging oproept. Je weet dus niet wat de toekomst nog in petto heeft. Zolang het internet ervoor zorgt dat er meer informatie beter bereikbaar wordt, denk ik dat er sprake is van een positieve ontwikkeling."

                                    
 
   
vorige pagina top pagina