Universiteit Leiden
  home   contact      
 
 
 
Archief
   

Archief > Forum 1/07 > Interview

Interview

Interview met prof. dr. Ivo Smits, nieuwe hoogleraar Letteren en culturen van Japan

"Japanse film, kunst en literatuur: ik ben een echte veelvraat"

Sushi, samurai en geisha, maar ook supermodern en verstikkend competitief: dat is het gemiddelde beeld van Japan. Maar klopt dat beeld wel? De drang om meer over Japan te weten te komen is onder aanstaande studenten in ieder geval groot, getuige de toenemende belangstelling voor de opleiding Talen en culturen van Japan in Leiden. Aan Ivo Smits, nieuwe hoogleraar Letteren en culturen van Japan, de taak om studenten kennis te laten maken met de facetten van de Japanse kunst en cultuur.

Door Martijn Wackers

    
Prof. dr. Ivo Smits:
'Sommige clichébeelden over Japan moeten genuanceerd worden.'

foto: Martijn Wackers

U bent onlangs benoemd tot hoogleraar Letteren en culturen van Japan. Wat houdt deze leerstoel precies in?

Smits: 'Japanse letteren en culturen omvat eigenlijk een breed scala aan onderwerpen die met Japanse kunst en cultuur te maken hebben. De Japanse literatuur van de klassieke tijd tot nu, de Japanse filmkunst maar ook tuinkunst: het valt allemaal binnen mijn onderzoeksgebied. Er zijn natuurlijk verschillende hoogleraren verbonden aan onze Opleiding, maar de leerstoel die ik nu ga bekleden kun je zien als het complement van de leerstoel Modern Japan die ingevuld wordt door prof. Chris Goto-Jones.'

Het lijkt me niet eenvoudig om zo'n grote periode te moeten bestrijken als de Middeleeuwen tot nu, zeker op het gebied van verschillende kunstdisciplines.

'Dat is ook moeilijk. Als je naar de Japanse literatuur kijkt dan is er bijvoorbeeld veel te beleven vóór 1868, wanneer het moderne Japan wordt geacht te beginnen. Deze periode vind ik zelf fantastisch en veel van mijn onderzoek en publicaties hebben betrekking op de premoderne literatuur. Studenten voelen toch vaak een drempel voor de Japanse literatuur tot en met de negentiende eeuw, terwijl je hen over de populaire hedendaagse romanschrijver Murakami Haruki bijvoorbeeld vaak niets meer hoeft te vertellen. De premoderne Japanse literatuur is voor hen meestal nog onontgonnen gebied, en dat maakt het erg boeiend om er colleges over te geven. Mijn leeropdracht houdt echter ook in dat ik aandacht schenk aan moderne literatuur en bijvoorbeeld film, dus ik besteed zeker niet al mijn colleges en onderzoek aan de literatuur tot 1868. Mijn interesse in de premoderne literatuur betekent ook absoluut niet dat ik moderne literatuur en film niet interessant vind. Integendeel. Je moet in mijn ogen een onderscheid kunnen maken tussen de leeropdracht en de invulling daarvan in de praktijk. De omschrijving 'Japanse letteren en culturen' omvat zo veel verschillende onderwerpen dat je nooit alles daarvan zal kunnen behandelen of onderzoeken. Je moet dus keuzes maken. Wat dat betreft is het misschien een nadeel dat ik zelf een echte veelvraat ben: literatuur, film, kunst, ik vind het allemaal fascinerend.'

Wat maakt de periode tot 1868 in de Japanse literatuur volgens u zo interessant?

'Het interessante is vooral dat je geschiedenis en cultuur met literatuur kunt verbinden. Dat kan bij moderne literatuur natuurlijk ook, maar in de premoderne literatuur valt vaak heel veel nieuws te ontdekken. Er zijn grofweg twee perioden binnen de literatuur tot 1868 te onderscheiden, waarbij de scheidslijn tussen die twee in de vijftiende eeuw ligt. In de eerste periode richt ik me onder meer op de relatie tussen Chinees- en Japanstalige teksten. Op welke manier hebben deze elkaar beïnvloed in de klassieke periode en Middeleeuwen? Een ander onderzoeksgebied van me is meer sociologisch georiënteerd en gaat bijvoorbeeld over vormen van mecenaat in de vroege Japanse literatuur. Verder ben ik sinds enige jaren ook geïnteresseerd in de zogenaamde 'kamerschermpoëzie'. Dit is een fascinerend genre waarbij een dichter zich identificeert met geschilderde figuren op een kamerscherm. Hetzelfde geldt voor tuinpoëzie. De ontdekkingen over de cultuur die je aan de hand van dit soort literaire genres kunt doen, is een aantrekkelijk aspect van de premoderne literatuur. Zo is mijn interesse in tuinkunst gewekt door een bizarre passage waarin een verhitte discussie tussen een ex-keizer en een hoge hoveling over buitenhuizen en tuinen werd beschreven. Blijkbaar was dat een geaccepteerde vorm van communicatie, want zelfs van een hoge hoveling verwacht je niet dat hij zomaar zomaar over elk onderwerp in discussie kan gaan met een voormalig keizer. Uiteindelijk heeft die passage ertoe geleid dat ik me meer in Japanse tuinkunst ben gaan verdiepen.'

Naast literatuur behoort dus ook de Japanse film tot uw onderzoeksgebied. Bestaat er zoiets als een typisch Japanse film?

'Japan is een land met een rijke culturele traditie. Er bestaat dus net zomin een typisch Japanse film of typisch Japanse roman als er een typisch West-Europese film of roman bestaat. Film in Japan kent bovendien een geschiedenis waarin er allerlei ontwikkelingen hebben plaatsgevonden. Wel kun je zeggen dat de Japanse filmindustrie in een bepaalde periode een andere werkwijze had dan die in Hollywood, waardoor men meer oog begon te krijgen voor Japanse films. Zo tussen de jaren twintig en de jaren zestig van de vorige eeuw was het grote verschil tussen Hollywood en Japan dat in de Verenigde Staten het "producentensysteem" gehanteerd werd, terwijl films in Japan voornamelijk volgens het zogenaamde "regisseurssysteem" werden gemaakt. In Hollywood was en is de producent de spin in het web van elke filmproductie. In Japan was er niet echt een producent. De studiobaas en de regisseur waren allebei erg belangrijk. Daarom wordt het Japanse systeem wel regisseurssysteem genoemd: de regisseur had een behoorlijk vrije hand. Kurosawa Akira, de beroemde Japanse filmmaker, schreef bijvoorbeeld zelf mee aan zijn eigen scenario's. Op internationale filmfestivals in de jaren vijftig vielen Japanse films die voortkwamen uit het studiosysteem aan de lopende band in de prijzen. Toen werd de aandacht voor Japanse films pas echt gewekt. Vanaf de jaren zestig wordt de Japanse film eigenlijk ook pas echt bestudeerd. Sinds een jaar of tien is er weer zoiets als een 'revival van de Japanse film.' Het filmfestival van Rotterdam heeft bijvoorbeeld elk jaar een forse dosis Aziatische films in zijn aanbod, waaronder een groot deel uit Japan.'

Moderne Westerse films spelen zich soms ook geheel of gedeeltelijk af in Japan, zoals Lost in translation of Babel. Het beeld van Japan dat dan vaak naar voren komt is dat van een nogal dubbelzinnige maatschappij: aan de ene kant prestatief en hypermodern, aan de andere kant traditioneel. Klopt dit beeld?

'Japan speelt vaak een rol in Westerse films wanneer een soort thema van het 'ontdekken van jezelf' centraal staat. De rol van Japan is dan meestal die van de vreemde maatschappij waarin de hoofdpersoon zich niet helemaal thuis voelt. Lost in translation gaat naar mijn mening ook niet zozeer over Japan, maar meer over twee personen die een platonische relatie met elkaar opbouwen in een wereld die voor hen beiden onbekend en vreemd is. Tegen welke achtergrond kan dat beter dan het voor Westerlingen hectische en verre Tokio? Volgens mij heeft regisseuse Sofia Coppola het ook niet bedoeld als film over Japan. Maar het is wel zo dat een film als deze het beeld van Japan als 'ondoordringbaar universum' versterkt. Als je het op deze manier opvat, dan krijg je geen heel genuanceerd beeld van de Japanse maatschappij. Dat is ook erg moeilijk om in een film te verwerken. Het maakt natuurlijk wel uit of iets in Japan gebeurt of in Nederland. Je begrijpt de cultuur beter als je de tradities begrijpt. Als je door middel van films een beter beeld wil krijgen van de Japanse cultuur, dan kun je beter films uit Japan bekijken, maar dan nog is het denk ik een illusie te denken dat film een blauwdruk zou bieden van de nuances van een maatschappij. Toch is het feit dat Japan regelmatig in Westerse films voorkomt én er belangstelling is voor Japanse films een stap in de goede richting.'

Bestaan er in de Westerse samenleving misvattingen over de Japanse cultuur door de manier waarop Japan verbeeld wordt?

'Ik weet niet of er misvattingen bestaan door de manier van verbeelden, maar er bestaat wel een aantal clichébeelden van Japan die een nuancering behoeven. Een paar iconen steekt steeds weer de kop op: aan de ene kant is er het traditionele Japan van de samurai en de geisha, aan de andere kant het moderne Japan van de gestreste "salary man" die de hele dag werkt en de "virtuele jongere" die in een videospelletje leeft. Er lijkt soms niets tussenin te zitten. Ook wordt Japan door zijn geschiedenis - met name door de Tweede Wereldoorlog - gezien als een wreed land. Maar misschien zegt dit soort beelden meer over "ons Westerlingen" dan over Japan.'

Film en literatuur zijn in zekere zin ook opleidingsoverstijgende vakgebieden. Bent u in uw nieuwe functie ook van plan samen te werken met andere letterenopleidingen?

'Jazeker, maar dit deed de opleiding Japans eigenlijk altijd al. Op het gebied van film en theater bestaat bijvoorbeeld het bijvak Dramatische Media Wereldwijd, waarin er ook aandacht is voor Japanse en Chinese films. Daarnaast zie ik toekomst in plannen om ook met een opleiding als Russisch meer samen te werken op filmgebied. Het lijkt me een uitdaging om die infrastructuur meer gestalte te helpen geven. Verder is er al heel lang een samenwerking met de opleiding Kunstgeschiedenis. Dit semester bijvoorbeeld verzorgen we een gezamenlijk seminar op het gebied van "superflat art", hedendaagse Japanse kunst en popcultuur. Dit sluit aan bij een tentoonstelling van Nara Yoshitomo, een bekend Japans kunstenaar, die vanaf juni in het GEM in Den Haag te zien is. Die mag je als kunstliefhebber eigenlijk niet missen.'

 Homepage Ivo Smits 

                                    
 
   
vorige pagina top pagina