Universiteit Leiden
  home   contact      
 
 
 
Archief
   

Archief > Forum 3/05 > Bericht uit ...

Bericht uit.... China

door Maghiel van Crevel

Van 1 tot 10 april bezocht een Leidse delegatie voor de derde keer in drie jaar topuniversiteiten in China, om mogelijkheden tot samenwerking en uitwisseling te verkennen: rector Douwe Breimer met Robert Coelen, James Liang en Leonard Engel van het International Office, Sjoerd Verduyn-Lunel en Jan Pieter Abrahams namens wiskunde & natuurwetenschappen, Pancras Hogendoorn namens geneeskunde, en Leonard Blussé en Maghiel van Crevel namens de geesteswetenschappen. Van Crevel doet verslag voor Forum.

Oude stadspoort aan nieuwe autoweg in Peking
Oude stadspoort aan nieuwe autoweg in Peking

Roderick Lagers woont al zowat tien jaar in Peking, in een van de weinige traditionele wijken die nog overeind staan. Dat is te horen aan zijn Chinees, doorspekt met Pekingse uitdrukkingen, en aan de verhalen die hij als gids-buiten-de-gebaande-paden op een route door de oude stad weet te vertellen over geschiedenis, architectuur, de samenleving: van de betekenis van het aantal treden voor een oude generaalswoning tot de herkomst van een plattelandsvrouw die op zoek is naar haar dochter, verdwenen in een stad waarvan niemand precies meer weet hoeveel miljoenen er wonen. Twaalf, maar vermoedelijk eerder dertien of veertien en misschien wel vijftien. Het hangt er ook vanaf hoe je telt. Net als Spanje en Nederland kent China illegale migranten, maar dan voornamelijk binnenlands. Wie meer wil weten van de grootste volksverhuizing in de menselijke geschiedenis - de trek naar de steden in het huidige China - en haar achtergrond in, pak 'm beet, honderd miljoen individuele levens, leze Floris-Jan van Luyns meesterlijke boek Een stad van boeren.

Te zeggen dat zich in dit land razendsnel reusachtige veranderingen voltrekken is een cliché. Het is niet alleen waar, maar ook belangrijk: voor de wereld-economie, de wereld-ecologie en wie weet wat verder nog - het onderwijs in de rest van de wereld? In Leiden krijgen we nu regelmatig verzoeken om inleidingen Chinees op middelbare scholen te verzorgen. In Peking levert transformatie van de tastbare omgeving voor gids Lagers absurde situaties op, die hij als vanzelfsprekend presenteert. Hij is eraan gewend. Terwijl hij wijst op een zesbaans asfaltweg, tijdens een dagje slenteren door de jetlag voordat we aan de bak moeten, heeft hij het over de gracht die daar ooit liep, en wij kijken in de richting van zijn uitgestoken vinger. Het moet voor hem vreemd zijn de verhalen te blijven vertellen terwijl er steeds meer onzichtbaar worden.

De volgende dag, als we op bezoek gaan bij de Tsinghua Universiteit - een absolute top-instelling, zeker op bèta-wetenschappelijk gebied maar bij voorbeeld ook op dat van de economie - is de dynamiek van de verandering op een andere manier voelbaar. Waar een buitenlander hier twintig jaar geleden nog een bezienswaardigheid was, blijkt uit alles dat deze universiteit nu met de regelmaat van de klok dit soort delegaties ontvangt, en dat het niveau van onderzoek en onderwijs zo hoog is dat ze de partners voor het uitkiezen heeft. Na de collectieve kennismaking gaan we uiteen om kennis te maken met verschillende faculteiten, daar presentaties over de Universiteit Leiden te geven en individuele contacten te leggen met studenten en staf. Rond het middaguur onthaalt Tsinghua ons naar goed Chinees gebruik op een overweldigend banket. Recente culinaire ontwikkelingen hebben in China qua veelvormigheid gelijke tred gehouden met die in de mode, nieuwe media, nieuwbouw en nog zo wat dingen - al zou een buitenlandse kok hier minder gauw een kans krijgen dan Rem Koolhaas.

In Peking verstaan we ons ook met de Chinese regeringsraad die de internationale uitwisseling van beursstudenten beheert, en met het locale Netherlands Education Support Office, een voorpost van NUFFIC. Uit alles blijkt dat internationalisering van de wetenschap een hoge vlucht neemt. Betrekkelijk kort geleden viel vooral op hoeveel studenten er wèg wilden, om in het buitenland een opleiding te volgen en zich daar zo mogelijk blijvend te vestigen. De regering heeft daarop in eerste instantie vooral gereageerd door beursstudenten - en die waren het vooral, zeker in het begin - dwingend te verplichten tot terugkeer, op straffe van hoge boetes voor de familie van wie dat naliet. De afgelopen jaren gaat het ook en vooral om positieve aansporing, met geweldige arbeidsvoorwaarden voor Chinese wetenschappers met academische graden van elders die terugkomen en in eigen land aan de slag gaan, inclusief een groeiend aantal Leidse alumni. Zulke remigranten heten met een nieuw woord haigui 'zee-terug', eigenlijk haiwai guilai 'van overzee teruggekeerden'. Het Chinees is in dat opzicht een efficiënte taal, die bij voortduring afkortingen pleegt, maar dan op lettergreep-niveau. De Bei-jing da-xue 'Noord-hoofdstad groot-school' ofwel Universiteit Peking heet kortweg de Noordgroot, in plaats van, laten we zeggen, de UP. Hippe sinologen als de Australiër Geremie Barmé hebben wel geprobeerd dat soort dingen in vertaling weer te geven, met een knipoog naar Orwells newspeak, maar CultRev voor Culturele Revolutie en Proledic voor Dictatuur van het Proletariaat hebben het niet gered. Bij CultRev kun je je trouwens veel leukere dingen voorstellen dan de gruwelen van de maoïstische terreur.

De rit van het gloednieuwe vliegveld naar het centrum van Ji'nan, hoofdstad van de provincie Shandong, is de zoveelste illustratie van de bouwkoorts die China in haar greep houdt, net als het permanent ballet voor hijskranen in Peking, vooral mooi bij nacht. In het Shandongse platteland vol traditionele grafheuveltjes liggen gloednieuwe, grotendeels lege snelwegen en spaghetti junctions: twee soorten infrastructuur die niets met elkaar te maken lijken te hebben, net als extravagante rijkdom en hemeltergende armoede letterlijk dooreen lopen in de grote steden. De staf van het International Office van de Universiteit Shandong neemt ons eerst mee naar een fraai museum ter nagedachtenis aan de dichteres Li Qingzhao, die haar schitterende, melancholieke liederen bijna duizend jaar geleden schreef. Na de uitbarsting van anti-traditioneel geweld ten tijde van de Culturele Revolutie is het in China weer normaal dat - geletterde, schoolgaande - kinderen grote hoeveelheden klassieke poëzie uit het hoofd leren, zoals ze altijd gedaan hebben. De dichter staat in dit land in aanzien, zij het ook dat de verhouding tussen het grote publiek en hedendaagse avant-gardisten er voornamelijk een is van onkunde, ongemak en in het beste geval welwillende verbijstering.

Zhan Tao, een wiskundige, is legendarisch omdat hij op zijn vierendertigste rector werd van de Universiteit Shandong, die negentigduizend studenten heeft. Het zal iets te maken hebben met de ongewone energie die deze man uitstraalt, inclusief de indruk dat hij zich permanent enorm amuseert. Na Breimers algemene presentatie van de Universiteit Leiden voor studenten en staf geeft Zhan de studenten ervan langs, zij het op prettig-prikkelende toon, omdat sommigen hun vragen niet in het Engels hebben gesteld maar laten vertalen. Het moment is tekenend - als we enige generalisatie voor lief nemen - voor de verhouding tussen docent en student in het Chinese onderwijs. De leraar, in brede zin, geniet in de Chinese cultuur groot respect en heeft een bijna heilig gezag. Genoemde verhouding is uiterst hiërarchisch, maar ook, voor the happy few dan, zeer persoonlijk, en duurt een leven lang. Ze impliceert niet alleen vèrgaande verplichtingen van de leerlingen aan de leraar - die van hen allerlei hand- en spandiensten kan verwachten die in Nederland ondenkbaar zijn - maar ook andersom, bij voorbeeld bij het vinden van een baan voor de eigen "discipelen". Nog net tussen aanhalingstekens, maar misschien wel het beste woord.

Ondertekening van overeenkomst, Universiteit Shandong
Ondertekening van overeenkomst, Universiteit Shandong
 

En als we het dan toch over onderwijs hebben: ook deze reis verklaart weer waarom het schrikbeeld van een Geel Gevaar de afgelopen jaren in een nieuwe vorm is opgedoken in het rijke westen. Daar vrezen velen dat heel veel hele slimme hele ijverige Chinese (of Aziatische) jongens & meisjes de tent binnenkort komen overnemen. De vraag is of hun aantallen, slimheid en ijver alleen reden tot angst zijn, of misschien ook tot vrolijke opwinding. Maar het is buiten kijf dat wie in China via strenge selectie terecht komt aan een topuniversiteit heel veel in haar mars heeft, meestal zowel qua intelligentie als qua motivatie en werkkracht. Dat wil niet zeggen dat het Chinese onderwijs zaligmakend is. Opnieuw bevat het cliché een kern van waarheid: tot en met het PhD-niveau stelt men in het westen over het algemeen hogere eisen aan originaliteit en zelfstandigheid van de student, al maakt de internationalisering dat verschil steeds betrekkelijker en geringer. Maar uitwassen van een systeem op drift, zoals de wanen van het Nieuwe Leren dat Nederland dezer dagen teistert, worden wel extra onzinnig en zorgwekkend als je ze vergelijkt met een cultuur waarin een Oud Leren dat zijn waarde dubbel en dwars bewezen heeft standhoudt - al klagen leraren in China natuurlijk ook dat vroeger alles beter was, in navolging van oer-leraar Confucius, die streefde naar herstel van normen en waarden uit een stevig gemythificeerde oudheid. Hoe dan ook, in China hoef je niemand uit te leggen dat hoger onderwijs een grote inspanning waard is. Dat hangt zonder twijfel ook samen met survival of the fittest in een keiharde samenleving waarin materieel welzijn en zelfontplooiing voor maar heel weinig mensen vanzelf spreken.

Hogendoorn met counterpart Liu Shuwei
Hogendoorn met counterpart Liu Shuwei, Universiteit Shandong, voor het borstbeeld van Norman Bethune, een arts uit Canada die zich in 1939 aansloot bij de Chinese Communisten, en de status van martelaar en toonbeeld van altruïsme verkreeg na zijn dood in de oorlog.

Een treffend beeld is dat van goede boekhandels in China, soms met leescafé, waar op alle mogelijke plekken mensen in alle mogelijke houdingen urenlang geconcentreerd aan het lezen zijn, vaak studenten - niet alleen als ze de boeken niet kunnen betalen, maar ook omdat lezen, lezen en nog eens lezen in China veel vanzelfsprekender hoort bij intellectuele vorming dan op de meeste andere plekken ter wereld. Iets dergelijks geldt voor het aflopen van alle mogelijke lezingen en openbare colleges, onder Chinese studenten veel gebruikelijker dan elders. Je zou je kunnen afvragen of de regering van de Volksrepubliek misschien juist in die aanleg van haar onderdanen - laten we het een collectief, cultureel bepaald talent noemen - reden ziet vooral "publieke intellectuelen" hard onder de duim te houden, terwijl ze met mega-investeringen in het hoger onderwijs duidelijk heeft gemaakt dat het haar ernst is met de kenniseconomie. Wetenschappelijke kennis zou namelijk ook een cruciale rol moeten spelen bij de aanpak van gigantische maatschappelijke problemen waarvoor China zich gesteld ziet: zo zijn er geregeld door groeiende ongelijkheid gevoede, gewelddadige onlusten door het hele land. De New York Times rapporteerde kort geleden alleen al voor het jaar 2003 op basis van gegevens van het Chinese Ministerie voor Openbare Veiligheid acht-en-vijftig-duizend (sic) gevallen van "burgerlijk oproer", van heel klein tot heel groot, waarbij in Chongqing zowat 10'000 mensen slaags raakten met de politie en in Sichuan 100'000 mensen zich verzetten tegen de aanleg van een stuwdam. Maar de autoriteiten treden in dergelijke gevallen keihard op, ook tegen pogingen tot binnenlandse berichtgeving - in tegenstelling tot populaire opvattingen over het internet blijkt online-censuur in China effectief te werken - en voor eigenwijze wetenschappers blijft dit soort dingen gevaarlijk terrein.

Toerisme bij de Pagode van de Wilde Gans
Toerisme bij de Pagode van de Wilde Gans, in Xi'an

Deze keer bezoeken we verder de Universiteit Xiamen en de Jiaotong Universiteit in Xi'an. Het totaal van instellingen in China waarmee Leiden banden heeft aangeknoopt komt zo op ruim een tiental, naast een aantal uitstekende universiteiten in Taiwan. In China wordt het, net als in Taiwan, steeds gewoner dat buitenlanders niet komen voor het Chinees of de sinologie, maar na intensieve taalcursussen een disciplinaire opleiding doen. Ze kwamen vroeger vooral uit derde-wereld-landen die van China ontwikkelingshulp krijgen, maar inmiddels overal vandaan. De sfeer aan de universiteiten in greater China is er een van krachtige ambitie, en een scherp bewustzijn van de manier waarop ze die willen waarmaken. In Leiden merken we dat aan een groeiend aantal studenten op MA en PhD-niveau, postdocs en gast-onderzoekers. Voorspellingen omtrent dit soort dingen zijn onbetrouwbaar, maar het lijkt aannemelijk dat ook de academische mobiliteit vanuit het westen naar China zal toenemen.

China is in beweging, in de academie en het Echte Leven. De avond voor de vlucht terug naar Nederland liggen op de tafels in de Souk, een stijlvolle, midden-oosterse eettent annex kroeg in Peking, glanzende flyers met de aankondiging van een absinth night / addiction party, from 10 pm until you pass out.

                                    
 
   
vorige pagina top pagina