Universiteit Leiden
  home   contact      
 
 
 
Archief
   

Archief > Forum 6/05

Onderzoek

Leidse stellingen

Ze zijn te vinden op een los velletje papier tussen de volgeschreven pagina's van het proefschrift: de stellingen van een promovendus. Twaalf of dertien zinnen met eigen bevindingen, kleine speldeprikken, interessante ontdekkingen en boeiende theorieën. Forum besteedt in deze rubriek aandacht aan een selectie van stellingen uit recent verschenen proefschriften bij de Letterenfaculteit.

Stellingen behorende bij het proefschrift van Olga van Marion, Heldinnenbrieven. Ovidius' Heroides in Nederland:

  • Stelling 1. Heldinnenbrieven zijn vooral geschreven uit verzet tegen Ovidius.

    van Marion: "De bundel 'Brieven van heldinnen' (Heroides) van de Romeinse dichter Ovidius heeft in de Europese letterkunde veel navolging gehad. In het Nederlandse taalgebied weken de nieuwe brieven van heldinnen echter nogal sterk van de klassieke voorbeelden af. Ze zijn niet zozeer ontstaan uit clichématige bewondering voor Ovidius, maar vooral uit morele verontwaardiging over zijn werk. De fictieve schrijfsters van Ovidius (Medea, Ariadne, Dido e.a.) waren volgens de latere dichters te wanhopig, buitensporig, moordlustig of incestueus.

    Vanaf de late middeleeuwen tot het begin van de negentiende eeuw zijn Ovidius' brieven dan ook aan de eigen cultuur aangepast. De klassieke 'heldinnen' zijn vervangen door gravinnen en vorstinnen uit de Nederlandse en West-Europese geschiedenis, door bekende voorbeelden van geloofskracht en vaderlandsliefde, of door trouwe minnaars met een door twijfel verscheurd hart.

    Zo ontwikkelde zich in de Nederlandse letterkunde een spel waarin de verwerpelijke en tegelijkertijd toch ook intrigerende Heroides werden verbeterd. Dat heeft geleid tot het zelfstandige genre van heldinnenbrieven, waarin dichters eeuwenlang hun literaire aspiraties, hun opvattingen over liefde, trouw, vrouwelijkheid en mannelijkheid, hun geloof en hun vaderlandsliefde hebben uitgedragen."

  • Stelling 5. Erasmus' voorstel om de heldinnenbrief als schrijfoefening op school te gebruiken dient ook in de eenentwintigste eeuw ter harte te worden genomen.

    "In zijn epistolaire handboek van 1522 stelt de grote humanist en pedagoog Erasmus voor dat de jongens op de Latijnse scholen brieven leren schrijven aan de hand van aantrekkelijke thema's en personages uit de literatuur. De Heroides van Ovidius vormen volgens Erasmus zo'n inspirerende bron voor briefoefeningen (al moet een docent de onzedelijke exemplaren die ertussen zitten beslist niet aan de leerlingen voorleggen). Goede voorbeelden zijn het schriftelijke huwelijksaanzoek van Leander (de dappere zwemmer die 's nachts de Hellespont overzwom om bij Hero te kunnen zijn), Helena's afkeurende antwoord aan prins Paris die haar wil komen ontvoeren naar Troje, of de smachtende brief van Penelope gericht aan haar rondzwervende Odysseus.

    Stelt u zich een basisschool in 2005 voor. De jongens en meisjes leren briefschrijven door een huwelijksaanzoek te verzinnen uit naam van Willem Alexander, een schriftelijke afwijzing uit naam van Britney Spears, of een smachtende brief uit naam van een asielzoekster gericht aan minister Verdonk. Zo leren ze zich te verplaatsen in andere situaties en levensomstandigheden, gericht informatie te zoeken over een historisch of actueel thema, en vooral overtuigend te schrijven. Goed gezien, die Erasmus."

  • Stelling 11. De beste navolger van de klassieken is Frank Groothof.

    "Voor vele Nederlandse jongeren vormt theatermaker Frank Groothof (1947) de belangrijkste schakel tussen hun belevingswereld en die van de klassieke oudheid en het tijdperk van Bach, Mozart en Beethoven. Groothof  brengt 'de klassieken' op toneel in de vorm van muziektheater: hij verbindt opera's met treurspelen en tango's met epen, hij speelt beurtelings Poseidon, Carmen of koning Arthur en hij trekt volle zalen met telkens nieuwe producties en onweerstaanbare teksten op klassieke muziek. Wie anders dan Groothof in de rol van Odysseus (zojuist teruggekeerd in zijn paleis vol vrijers) kan zo mooi zingen: Ik kan zo vreselijk genieten van het schieten op visite? Dat vergeten kinderen hun hele leven niet meer."


Promotie 6 oktober 2005
Promotor: prof.dr. C.L. Heesakkers
Summary and conclusions (PDF)
Zie ook: Jos las Leids (Forum 5 2005)

 

Stellingen behorende bij het proefschrift van Paola Paradisi, I 'Disticha Catonis' di Catenaccio da Anagni. Testo in volgare laziale (secc. XIII ex. - XIV in.).:
  • Stelling 2. Om de verwantschap vast te stellen tussen het ms. Trivulziano en het Romeinse incunabel, dient het ontbreken van v. 314 van het ms. Trivulziano beschouwd te worden als een evidente error separativus, te wijten aan homoioteleuton, die niet op basis van louter conjectuur geëmendeerd kon worden door het Romeinse incunabel.

  • Stelling 4. Het lemma uxorare "huwen", "tot vrouw nemen" (v. 543) heeft voortzettingen in de moderne dialecten van Zuid-Latium.

  • Stelling 7. Overwegingen van prosodie en rijmvorming spelen een cruciale rol in de beoefening van de tekstkritiek.

  • Stelling 9. Priemgetallen zijn als het leven. Ze bezitten beide een eigen logica, maar noch voor het een noch voor het ander kan een principe van regelmaat gevonden worden.

Promotie 15 september 2005
Promotor: prof.dr. R. Crespo
Dissertations Online

Stellingen behorende bij het proefschrift van A.J.J. van 't Riet, Meeten, boren en besien. Turfwinning in de buitenrijnse ambachten van het Hoogheemraadschap van Rijnland 1680-1800.:
  • Stelling 2. De omvang van de turfopbrengst uit de turfwinningsgebieden in het westen van Nederland kan niet worden berekend door vermenigvuldiging van de oppervlaktemaat met die van de diepte van de drooggemaakte polder.

  • Stelling 3. Door de beperkte periode waarbinnen in gereglementeerde veenderijen veenakkers werden uitgeveend, moesten de veenlieden snel werken en grote bedragen investeren. Daardoor werd het beroep van veenman steeds specialistischer naarmate de achttiende eeuw vorderde.

  • Stelling 5. De turfschippers moesten hun aangekochte turf vrijwel direct aan de veenman betalen. Zelf leverden zij de turf op krediet aan veelal onvermogende klanten. Hierdoor hebben zij nauwelijks aan de turfwinning verdiend.

  • Stelling 11. Doordat historici in het heden geconcentreerd zijn op het verleden hebben zij de neiging om zaken die nù de aandacht behoeven door te schuiven naar de toekomst.

  • Stelling 13. Kinderen worden door de aanschaf van een mobiele telefoon voor hun ouders niet of nauwelijks beter bereikbaar, omdat zij vrijwel permanent gebruik maken van de voice-mail.

Promotie 21 september 2005
Promotor: prof.dr. S. Groenveld
zie ook: In de Toonkast

                                    
 
   
vorige pagina top pagina