Universiteit Leiden
  home   contact      
 
 
 
Archief
   

Archief > Forum 5/05 > Boeken

Boeken

Jos las Leids

Een selectie van Leidse publicaties besproken door Jos Damen (UB)

Van Marions Heldinnenbrieven

Literarie travestie is minstens 2000 jaar oud. Ovidius was een vroege beoefenaar. Een Leids historisch-letterkundige heeft in de afgelopen jaren zijn navolgers in kaart gebracht. Olga van Marion verdedigt op donderdag 6 oktober 2005 haar Leidse proefschrift Heldinnenbrieven: Ovidius Heroides in Nederland.

Ovidius schreef vlak voor onze jaartelling Heroides. In dat jeugdwerk voert hij fictieve briefschrijvers op die onder meer liefdesklachten uiten. Deze "heldinnenbrieven" zijn interessant vanwege het literaire spel dat gespeeld wordt met inhoud en vorm. Van Marion bespreekt in 400 pagina's Ovidius en een tiental Nederlandse navolgers: onder meer Dirc Potter (Der minnen loep uit 1412), Barlaeus, Vondel, Feith en Bilderdijk.

 
Heldinnebrieven

Met mijn Leidse bril verslond ik natuurlijk vooral hoofdstuk 4: Aan de Leidse Universiteit (ca. 1586-1603). Van Marion: "Het was de jonge universiteitsstad Leiden waar de Latijnse heldinnenbrief zich tijdens het laatste kwart van de zestiende eeuw in rap tempo verder ontwikkelde. Binnen twee decennia verscheen het ene na het andere vernieuwende voorbeeld, gedicht in het Neolatijn, afkomstig uit de kringen van studenten, docenten, hoogleraren en bestuursleden van de op 8 februari 1575 opgerichte Academie. In het gevarieerde stedelijke literaire leven bestond een sfeer van navolgen en overtreffen die de productie bevorderde. 'De Muzen vertoefden graag in Leiden', de heldinnenbrief ook. Rapenburg en Breestraat huisvestten een nieuwe generatie dichters met grote interesse voor de poëzie van klassieke en humanistische voorgangers, waaronder zeker ook de liefdeslyriek. Zo kwamen er herdrukken van Catullus en Ovidius tot stand en werden bijvoorbeeld de 'Kusjes' (Basia) van Janus Secundus beantwoord met nieuwe 'Kusjes' en met 'Oogjes (.) en een heuse 'Liefdeskrijg'."

Van Marion pluist het allemaal nauwgezet uit: een verloren gegane Ovidius-vertaling door Leidens eerste student Dirc van Leeuwen, werk van Janus Dousa, Jacobus Eyndius, Hugo Grotius, Joh. Meursius en Daniel Heinsius.

Is het wel netjes om te citeren uit een proefschrift dat pas over enkele weken openbaar wordt verdedigd? Ach, nieuws uit voorbije eeuwen is ook nieuws. VPRO's Tegenlicht had 10 jaar geleden al een uitzending over Heldinnenbrieven. Het boek maakt nieuwsgierig naar meer. Tot ziens, op 6 oktober in het Academiegebouw?.

Meer heldinnenbrieven lezen: www.let.leidenuniv.nl/Dutch/Heroides.html

Boek bestellen: www.vantilt.nl/nieuws/00082/

Olga van Marion: Heldinnenbrieven: Ovidius Heroides in Nederland.  Uitgeverij Van Tilt, 2005. ISBN 9077503412  EUR 25

 

Chinese handschriften in Leiden

De Chinezen komen! Het kan niemand meer ontgaan: de Chinezen trekken de Leidse universiteit binnen. Leiden heeft traditiegetrouw altijd Chinese studenten binnen de vesten gelokt. De aanwezigheid van koloniale studiën, een apothekersopleiding, het Sinologisch Instituut en de uitgebreide Chinese bibliotheek waren daarvoor een goede stimulans. Vroeger ging het om tientallen studenten. Tegenwoordig komen ze met honderden tegelijk. Het is dan ook zonder meer gepast dat -na een jarenlange voorbereiding- juist dit jaar een catalogus van de in Leidse UB aanwezige Chinese handschriften verschijnt. Koos Kuiper verrichte nauwgezet monnikenwerk en maakte een schitterende catalogus.

In het boek staan niet alleen veel handschriften beschreven, maar ook de zeer diverse inhoud. Er zijn in Leiden handschriften over dobbelen en opium, over consuls en rechtspraak, over Chinees-Nederlandse verdragen, over Vietnam, over taal en religie en over geheime genootschappen. De vorm is even gevarieerd. Leidse Chinese handschriften zijn er in de vorm van decreten, bijbels, woordenboeken, zegels en rollen.

 
14. List of auspicious days for a marriage and a calculation scheme. (blz. 51)

In het voorwoord van de catalogus schrijft conservator Jan Just Witkam onderkoeld over de aanleiding tot dit boek: het bezoek van boekverkoper Rudolph Stolper uit Bath aan Leiden. Stolper bezocht de universiteitsbibliotheek in 1991 met een koffer vol Yao-handschriften. Hiermee kwam een reeks gebeurtenissen op gang, die onder meer deze fraaie catalogus tot gevolg had.

Koos Kuiper: Catalogue of Chinese and Sino-Western manuscripts in the Central Library of Leiden University. Leiden, 2005. ISSN 0169-8672 (vol. 33)       EUR 35

 

Het boek is van de schrijver

Het trefwoordenregister stamt uit het jaar 1130, de eerste auteurswet ter wereld uit 1710 (Statute of Queen Anne) en het wereldwijde web uit 1989. Deze nuttige feiten legt Laurens van Krevelen vast in de Bert van Selm-lezing die hij op 4 september 2005 in Leiden uitsprak: Het boek is van de schrijver.

 In 1626 spande Herman Boerhaave met enkele andere Leidse hoogleraren een proces aan tegen uitgevers die "om vuyl gewins halve" zonder toestemming van de auteurs diverse collegedictaten uitgaven. De auteurs kregen gelijk.

 
Het boek is van de schrijver

In de afgelopen eeuw volgden het leenrecht, "subsidieproza", standaard auteurscontracten en ander moois. In zijn lezing signaleert Van Krevelen de veranderende positie van de auteur. En passant krijgt uitgever Mai Spijkers een paar vegen uit de pan en wordt uitgeverij PCM "wanbeleid, grove nalatigheid en onvoorstelbare incompetentie" verweten. Ook verder windt Van Krevelen er geen doekjes om. De kern van zijn betoog is helder: de auteur heeft de primaire rol in het hele boekproces, ook in deze digitale tijd.

Zie www.nederlands.leidenuniv.nl/index.php3?m=34&c=45

Laurens van Krevelen: Het boek is van de schrijver. Stichting Neerlandistiek Leiden, 2005. ISBN 9080727679.     EUR 11

 

Leiden 1698-1699

Vlak voor het jaar 1700 werd de Duitser Johann Burkhard Mencke hoogleraar geschiedenis in Leipzig. In de twee jaar daarvoor reisde Burkhard door Engeland en de Nederlanden: zijn grand tour of peregrinatio academica. Tijdens zijn reis deed hij Leiden twee keer aan: in augustus 1698 en in juni 1699.

Het dagboek dat Burkhard Mencke onderweg bijhield is levendig geschreven. Hij beschrijft zijn gesprekken met geleerden en specialisten (Van Leeuwenhoek in Delft), maar ook hoe de omgeving eruit ziet en welke bezienswaardigheden bezocht werden. In Leiden waren onder meer de anatomiekamer en een mummie vermeldenswaard. Hier drie citaten van Burkhard Mencke's bezoek aan Leiden, uit de zojuist verschenen heruitgave van zijn Holländische Journal door Hubert Laeven:

 
Johann Burkhard Mencke (1674 - 1732)

(24 aug. 1698) Wir ließen uns von dar auf die daneben stehenden Bibliothecam Publicam führen. Diese ist wohl ohne Streit die größte unter denen Holländischen Public-Bibliothecen. Maßen sie sowol ex Warneri ex Scaligeri legato ein großes Ornamentum bekommen, alß auch durch des gelehrten Golii Fürsorge an Msptis Arabicis einen trefflichen Schatz bekommen. Die rarsten und vortrefflichsten Bücher aber sind endlich ex Bibliotheca Vossii dazu gekommen, welche von der Universitet vor einiger Zeit vor 30.000 Gulden erkaufft worden.

(25 aug. 1698) Es ist sonst auch zu Leiden eine privat-Bibliothec zu besehen, Bibliotheca Thysiana, wie an dem Hause, darinnen sie stehet, zu lesen; doch sol sie in schlechter Ordnung stehen, daher wir sie nicht besahen.

(1 juni 1699) Zu Leiden sprachen wir außer Perizonio und Gronovio, welche beyde sehr höfflich den Hn. Crenium, der den vornehmsten in Holland und insonderheit Hn. Graevio, in dessen Schriften er vitia Grammaticalia zeigen wil, zu wieder scheinet. Er ist eine Zeitlang bey Is. Vossio zu Windsor gewesen, da er gar offt Scaligeri Hand in den MSptis des alten Vossii, und sonst ein altes MSptum in Salmasii seinem Concept vom Polyhistore Solini.

Johann Burkhard Mencke: Das Holländische Journal 1698-169. Ms. Germ. Oct. 82 der Staatsbibliothek Berlin. Herausgeg. und mit einer Einleitung von Hubert Laeven. Hildesheim [et al.], 2005.   EUR 28

Bestellen: www.olms.de

 

Van Wurf tot Boulevard

Officieel heet de straat langs het Katwijkse strand Boulevard, maar elke Katwijker noemt het gewoon Wurf. Nog één maand (t/m 8 oktober 2005) is in het Katwijks Museum de prachtig bescheiden expositie Van Wurf tot Boulevard te zien. Daarna behelpe men zich met het gelijknamige boekje. Katwijk heeft een paar bijzondere witte gebouwen aan de zeerand: de Vuurbaak, de Andreaskerk en de voormalige Villa Allegonda. Het 400-jarig bestaan van de Vuurbaak vormde de aanleiding voor het aanbrengen van een graffitikunstwerk aan de Vuurbaak en de tentoonstelling in het museum. Schilderijen, prenten en foto's geven een overzicht van de afgelopen eeuwen van de Boulevard in Katwijk.

Katwijk aan Zee vormt sinds de veertiende eeuw een vissersdorp. Naast een grote hoeveelheid prenten en foto's, de meesten uit eigen bezit, bestaat de tentoonstelling uit schilderijen van kunstschilders als Jan Fabius (Oude Kerk 1885), J.H.B. Koekoek (gezicht op de Wurf uit 1889), Willy Sluiter (Noord-Boulevard 1923), Tjeerd Bottema (o.a. Villa Allegonda en de Vuurbaak jaren '60).

Van Wurf tot Boulevard

Vanaf ongeveer 1880 kwamen ook steeds meer kunstenaars naar Katwijk om daar te werken, waaronder B.J. Blommers, Jan Toorop en Willy Sluiter. Sommige kunstenaars huurden een huis aan de boulevard of lieten er één bouwen. De Leidse architect H.J. Jesse ontwierp verschillende villa's en de architect J.J.P. Oud verbouwde Villa Sigrid aan de kop van Boulevard tot Villa Allegonda.

J.P. van Brakel (et al.}: Van Wurf tot Boulevard: onder het wakend oog van de Vuurbaak, 1605-2005. Katwijk, 2005. EUR 12,50

http://www.katwijksmuseum.nl/

 

Leidse zustersteden

Leiden heeft vreemde relaties. Onvergelijkbare steden als Oxford (Engeland), Krefeld (Duitsland), Toruń (Polen), Juigalpa (Nicaragua) en Buffalo City (Zuid-Afrika) hebben met Leiden een stedenband. Meestal betekent zoiets niet veel meer dan dat gemeentelijke hotemoten en diverse vrijwilligers elkaar driejaarlijks ontmoeten en wat drinken.

De stedenbanden die Leiden heeft zijn wat vreemder dan gebruikelijk. De band met Oxford is de oudste (officieel sinds 1946) en het meest gelijkwaardig. De verbinding met Krefeld dankt Leiden aan Valk, een grote Leidse bloemenverkoper. Toruń uit Polen kwam in beeld in de tien jaar voor de Berlijnse muur viel: ontspanning op kleine schaal maar in optima forma. Met Juigalpa (Nicaragua) is de verhouding ongelijkwaardig maar zeer nuttig: scholen en ziekenhuizen in het stadje hebben veel aan Leidse sponsorlopen en fancyfairs te danken. Buffalo City is het meest politiek-correcte voorbeeld: "ondersteuning na het einde van de apartheid".

 
Toruń

De ontstaansgeschiedenis en de vele contacten zijn nu opgetekend in het boekje Leidens Verre Vrienden. Deze publicatie is onder redactie van oud-gemeentesecretaris Bob Lodder geschreven door een collectief dat verder bestond uit oud-ambtenaar Wim van Stigt, oud-politicus Cor Elzenga en Leids ambtenaar Carel van Ingen.

Leidens Verre Vrienden. Leiden, 2005. ISBN 9090195483.   EUR 10

 

Von Siebold 1826

Philipp Franz Balthasar von Siebold was een vreemd mens. Als Duits arts was hij in Nederlandse krijgsdienst in Deshima in Japan gestationeerd tussen 1823 en 1829. Von Siebold moest informatie en materiaal verzamelen over Japan. Dat deed hij voortreffelijk. Het Rijksmuseum voor Volkenkunde dankt er een deel van zijn collectie aan. Het jaar 1826 was Von Siebolds mooiste tijd: in dat jaar reisde hij naar het hof van de shogun in Edo. Tijdens die hofreis hield Von Siebold een dagboek bij. Daarin beschrijft hij de omgeving en de gebeurtenissen: ontmoetingen met Japanners, actieve vulkanen, zoutwinning, religieuze praktijken en de uiteindelijke ontmoeting met de shogun. Von Siebolds stokpaardjes (flora en fauna) worden uitgebreid bereden. Uitgeverij Hotei bracht een Nederlandse vertaling uit van Von Siebolds dagboek uit 1826. Die vertaling werd schitterend geïllustreerd met afbeeldingen uit het origineel en aangevuld met platen uit Von Siebolds boeken Flora Japonica en Fauna Japonica én met aquarellen van Kawahara Keiga.

 
Von Siebold's Reis naar het hof van de Shogun in het jaar 1826

Von Siebold's Reis naar het hof van de Shogun in het jaar 1826: een ontdekkingstocht door Japan. Vert. en uitg. door Martien J.P. van Oijen & Jos M.J. van Oijen. Hotei Publishing, 2005. ISBN 9074822797   EUR 32,50

 

Leidse baksteen

De Leidse universiteit is een versnipperde universiteit. Dat is ook te merken aan de meer dan vijftig gebouwen waarin de universiteit huist. Daar zitten juweeltjes onder: het pas opgeknapte Kamerlingh Onnes Gebouw, het spacy Gorlaeus Laboratorium, het Academiegebouw, de nieuwe en de oude Universiteitsbibliotheek. Al die gebouwen zijn het afgelopen jaar op een rijtje gezet door de afdeling Vastgoed van de Leidse universiteit. Dat heeft een apart boekje opgeleverd: Vier eeuwen geschiedenis in steen. Het is een merkwaardig boek, omdat het op twee gedachten hinkt: enerzijds een overzicht met heuse "objectcodes" en anderzijds een leesbaar historisch boekje over al die bijzondere gebouwen.

 
Vier eeuwen geschiedenis in steen

Dit boekje is allebei. Misschien vind ik het daarom wel zo leuk.

Alles wat je van al die universitaire gebouwen wil weten staat erin: architect, bouwjaar, vloeroppervlak, historische details en enkele afbeeldingen. En meer: een voorwoord van Willem Otterspeer, en vaak ook nog een luchtfoto (het "meeuwperspectief").  Ik weet nu dat de Clusiustuin objectcode 020602 heeft en ik weet ook dat de tuin bijna Clutiustuin geheten had.

Vier eeuwen geschiedenis in steen: universitaire gebouwen in Leiden. Redactie: Nicolette Blok, Corine Hendriks [et al.]. Leiden, 2005. ISBN 9090180524.  EUR 15.

 

Zwarten in dienst van Oranje

Het begon allemaal met Arthur Japin. In 1997 publiceerde hij zijn historische roman De zwarte met het witte hart. Dat boek gaat over de trieste lotgevallen van twee zwarte Ashanti-prinsjes die naar Nederland komen als onderdeel van een verdrag van koning Willem I met de koning van de Ashanti. Willem I kocht een paar grote zwarte mannen om in het Nederlands-Indische leger de Indonesische tegenstander angst aan te jagen (Belanda Hitam!). Er zouden er 3.000 volgen. Ineke van Kessel van het Leidse Afrika StudieCentrum zocht uit hoe het met die zwarten in dienst van het Nederlandse leger zat. Ze schreef er een boek over (Zwarte Hollanders). Er kwam een tentoonstelling (Zwart in dienst van Oranje), die tot 4 september 2005 te zien was in het Koninklijk Instituut voor de Tropen en die nu in Museum Bronbeek en daarna in het Indisch Huis in Den Haag te zien is.

 
Zwarte Hollanders

Ineke van Kessel: Zwarte Hollanders: Afrikaanse soldaten in Nederlands-Indië. Met een voorwoord van Arthur Japin. Amsterdam, KIT publishers, 2005. ISBN 9068324985.        EUR 22,50

                                    
 
   
vorige pagina top pagina